Armando in schuldig/onschuldig landschap

Ik kan mijn kleinzoon nog vertellen: “Opa heeft de schilderijen van Armando nog gezien voor de brand!”. Maar hij en ik moeten samen naar beelden en schilderijen van Armando blijven kijken. In de nieuwe setting van Landgoed Oud-Amelisweerd dan. Maar blijvend indrukwekkend. Zo veel is zeker.

Zelfs het type restauratie dat men gekozen heeft, stemt tot nadenken. Je krijgt de antwoorden toch niet. Ik heb moeite met dat beeld van Armando bovenop de nok. Maar goed. Veel kamers die weliswaar een indruk geven van een onbewoond huis, maar dan toch die hoofdbewoner Armando erin! En mensen die van kamer tot kamer gaan. En de deuren naar de poepdozen open lieten staan.

Je komt in een hal, waar allerlei deuren je dwingen die zelf te openen, ware het niet dat een medemens-vrijwilliger op een bank op je zit te wachten. Warm. Ze zal je bij het weg gaan nog kennen!
De mevrouw bij de kassa (nb in de Veldkeuken!) ziet uit zichzelf dat de belangrijkste informatie voor mij die over de vindbaarheid van de toiletten is: buiten.
Als je een vraag stelt zoekt men vriendelijk dingen voor je op.
Het eten in de restauratie is van een ambachtelijkheid die hoort bij de schitterende locatie.

DSC00046

Der Baum 1995. Brons

Het staat bijna haaks op de thematiek van Armando: oorlog en zo. Maar hij was er zelf best ingenomen mee, laat ik me vertellen. Wel ziet hij de forse laan met beukenbomen voor het pand meteen overgaan in soldatenbenen.

DSC00044

Waldig

Maar als je deze kamer gehaald hebt, dan heb je je los moeten rukken uit een zaal waar die zeer zware beelden staan van de Torsi en de losse Armen. Daar weet je niet wat ‘ze’ met mensen gedaan hebben. Ze staan in kamers met ‘chinees’ behang waarop krijgers. Waar hebben die armen zich aan vergrepen? Wat

Torsi. Brons.

Torsi. Brons.

schreeuwen ze uit. Nog los van de personen waar ze aan gezeten moeten hebben! Waar staan die voor? Waren die de eigenlijke schuldigen in welk landschap dan ook? De ongevraagde medeplichtigheid van de hele schepping. ‘Dat wij die mensen zijn’, zoals de dichter zegt. Ik ben altijd erg onder de indruk van dit materiaal (brons) en zo behandeld. Massief. Oer.  Armando is er geweldig goed in.
Dat neemt niet weg, dat ik pas helemaal in de ban van zijn thematiek ben bij de schilderijen. Ik kan er niet bij, dat hij met vrijwel alleen zwarte en witte verf en zijn blote handen je zo in beslag kan nemen. Die enorme vlag met alleen zijn rode naam erop. Daartegenover een veel kleinere witte op een zwart vlak. Zonder handtekening. Zegt dat iets?
De hekken.
Het criminele schilderij.
Seestueck.
En als je een paar uur verder mag wandelen langs de Kromme Rijn, neem je die intrigerende titel : J’ai tué mon frère Abel’ mee. Zo’n schilderij zou ‘Kerk en Vrede’ zich moeten kunnen veroorloven. 

J'ai tué mon frère Abel' , 1954

J’ai tué mon frère Abel’ , 1954

De tekst van ‘de schoonheid’ van het kwaad. Oi,oi,oi wat is men over hem heen gevallen. Dat zeg je toch niet. Ik schoof meteen door naar Günther Anders en Hannah Arendt: de banaliteit van het kwaad. Heeft dat niet met elkaar te maken? Al zijn het twee verschillende benamingen. Als iemand het kwaad niet vergoelijkt heeft of zin heeft gegeven of wat dan ook door de schoonheid ervan is het Armando wel. “Het klinkt ongeloofwaardig, maar het is waar”, zegt hij er zelf van.

Misschien is het een blessing in disguise dat mijn fototoestel geen fraaie opnamen kan maken op deze wat donkere dag. Dan heb je des te meer reden om zelf te gaan kijken.

En het goede nieuws is: elk half jaar een nieuwe opstelling.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s