Gedichten geopend

De versjes die dichters maken noemen we geen versjes, maar ‘gedichten’. Ik hoor in dat woord ‘dicht’ niet zo zeer: ‘gesloten’, maar ‘dichter op elkaar’, compacter, samengebald. Meer geladen. Ingedikt.
De woorden van echte dichters zijn zwaar geladen. Zo staat er veel meer dan er staat. Je snapt zo wel dat ze een belangrijk tegenwicht zijn tegen  vluchtigheid, gladheid, platheid en geliktheid van andere teksten.

De laatste regels van het ‘Laatste gedicht’ van Hans Andreus schieten me te binnen:

…Of is het dat jij me er een onverdicht
woord dat niet uitgesproken hoeft voor vindt?

Wat is dat onverdichte woord? Iets dat de dichter zelf niet meer kan opschrijven. Een woord voorbij het dichten zelf. Een woord dat alles achter zich laat. Het hele gedicht roept de gedachte op dat dat een verlossend woord zal zijn; het verlossende woord. En daarmee is alles dan open. Voorbij de woorden, in het licht.

In deze rubriek plaats ik gedichten, waar ik wat mee heb of kreeg.

Psalmen en liederen staan ergens anders

Gedichten van Günther Anders vind je hier.