De houdbaarheidsdatum van de Rechten van de mens is in zicht.

1 Geboortedatum homo sapiens onbekend

Het punt waar ooit homo sapiens zich aftakte van andere mensachtigen, is niet duidelijk gemarkeerd. Er was geen fanfare bij; geen symposium. Geen toga’s, geen oorkonden, geen diner. Geen startsubsidie, geen ‘toekomst rede’; al was daar alle reden voor. Die afsplitsing was niet letterlijk het enige dat alles wat erop volgde fundamenteel zou vorm geven; andere evolutionaire krachten gingen ook door. Maar sinds mensachtigen homo sapiens zijn is nog steeds hun mede-bepalende rol niet volledig doordacht.

Voor wie wil is het ontbreken van een mooie toekomst reden om dat unieke moment van destijds misschien te ondervangen door het Bijbelse bericht “Er zij licht”. Wat is dat goddelijk als je van de toekomst niet meer hoeft te zeggen dan dat die Licht is! Het markeert wel is waar niet precies het opduiken van homo sapiens, maar geeft ‘een onuitsprekelijke zin’ aan de oerknal. Wat is dat singulier.
De geleerden kunnen de specifieke plek waar homo sapiens de andere mensachtigen verliet niet aangeven. Ze weten niet of dat in alle pais en vree gebeurde of dat het NA de uitvinding van haat en nijd was. We weten niet of het gebeurde uit geconstateerde gebreken, dan wel uit verhoopte kansen. Uit nood geboren of uit vreugde.
Ja, toeval, maar wat zegt dat helemaal? Maar met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid mag men stellen dat er geen contract werd opgemaakt van rechten en vrijheden en plichten en verantwoordelijkheden van de nieuwkomer. Er ging geen overleg of planning aan alles vooraf; het werd geen decreet, er ontstonden geen wetten. Men ging het maar doen. Men zou wel zien. Of niet. Heel naïef zou dat blijven heten: ‘trial and error’. In 1948 schreven we de rechten van de mens dan op. Een nog steeds bejubelde ‘trial’. Voor de toekomst kon het wel eens de ergste ‘error’ zijn die we konden begaan.

Hebt U wel eens even wakker van gelegen van de vrome fantasie, dat Adam niet als landbouwer zou zijn begonnen, maar als ambtenaar? Niet als handwerksman, maar als notaris? Niet als aardman, man van de rode-aarde, maar als filosoof? Niet als ondernemer maar als jurist?
Dan hadden we misschien een andere volgorde gekozen dan eerst maar doen en later maar opschrijven en vastleggen en verantwoorden. Dat vastleggen komt uit de sfeer van ‘Uit de nood geboren’. Het nest ligt dan al onder de boom, kan men zeggen. Dan heb je geen schijn van kans om met een schone lei te beginnen. Wetten en vastgelegde rechten lopen altijd achter de (wrange?) feiten aan. Eerst waren er frontale botsingen en dan pas komen er voorrangsregels.
Mensen hebben alle belangrijke ontwikkelingen op gang gebracht nog voor ze de betekenis en de gevolgen ervan door hadden. Eerst waren er misdrijven en daarna pas kwamen opsporing, bestrijding en wetgeving. Alle forse wendingen van de geschiedenis hebben we veroorzaakt voordat we ook maar het flauwste idee hadden dat het ook ergens GOED voor zou zijn. We hadden auto’s voor we verkeersregels hadden. We hadden machines eer we een fatsoenlijke energie-politiek hadden. De Co2 problematiek toont achteraf aan dat we eigenlijk nog niet klaar waren voor de uitvinding van auto’s.  We hadden nog niet over communicatie nagedacht of de hele kosmos hing al vol met ons geleuter. We hebben nooit geweten wat echte mensen zijn, maar hebben ze altijd massaal over de kling kunnen jagen. Talloze misdaden jegens het milieu bloeiden op, nog voor we het fatsoen hadden te beseffen dat we dat niet konden maken. Het laatste wat ik in deze sector hoorde is, dat wetenschappers op het Internet publiceerden hoe men draadloos pacemakers kan frustreren, voordat men besefte dat je dat ten ene male niet mag publiceren.

2 Geboortedatum homo sapiens 2.0 bepalen we zelf.
Nu homo sapiens 2.0. op de tekentafels kan opduiken, zijn we in een compleet andere situatie terecht gekomen. Homo sapiens 2.0. hoeft niet per se pas achteraf vast gesteld te worden. Zijn ‘aftakken’ overkomt ons ook niet ‘in the blind’, want wij zelf zetten het op de

001-asimo-robotagenda. Het is geen wonder, ongeluk, of toeval; het is er niet omdat God of lot of evolutie erop aanstuurden. Neen, het verschijnsel zelf en het moment waarop worden gekozen door ons, homo sapiens van nu. Dat kan men duiden als: wij zijn zelf, lot, God, evolutie. We kunnen dus de volgorde om draaien. Niet eerst proberen en dan maar wat gaan regelen, achteraf. We zouden nu de leveringsdatum van een nieuwe mensenversie zo feestelijk kunnen markeren, als we willen. Dat is een goede aanleiding om over de ‘toekomst van de rechten van de mens’ na te denken. Want we zijn op het moment aangeland dat de ‘rechten van de mens’ zich tegen de ‘rechten van homo sapiens’ gaan keren.

3. Mogelijke, lastige vragen
We kunnen het dus nu al over criteria en plichten hebben die we in homo sapiens 2.0. gerealiseerd willen zien. Hij is er immers nog niet. Of we kunnen het er  nu nog over hebben. We kunnen zelfs nog besluiten : ‘toch maar liever niet aan beginnen’.
Welke vrijheden gunnen we het nieuwe type, indien wel; want wij kunnen het immers maken (en breken?); welke rechten moet homo sapiens 2.0. zeker hebben, en welke beter niet?
Antwoord op welk probleem zullen we hem laten worden?
Moet hij gevaarlijker dingen mogen doen dan wij, bij chemische, bacteriële of nucleaire rampen? Moet hij onder minder gezonde omstandigheden mogen werken, dan wij; langer, viezer? We kunnen immers inbouwen dat hij dat probleemloos kan.
Moet hij hogere verantwoordelijkheden krijgen dan wij, omdat hij een sneller en groter brein krijgt? Hoe zit het met vernederen, vertrouwen, respect, liefde, relaties? Moet hij een lichaam hebben, of alleen maar brein zijn?
Naar wiens beeld is hij gemaakt? Spreken we nog van mens-visie als het om een product van de mens gaat, een humanoïde robot, zoals je hem wel kunt aanduiden? Wie heeft getekend voor en heeft daarmee het intellectueel eigendomsrecht op homo sapiens 2.0.?
Homo sapiens 2.0. zal ons ver overtreffen in verwerking van informatie, in hersenfuncties en lichamelijke verbeteringen. Moet hij daarom misschien beter betaald worden dan velen van ons?
Zo veel staat wel vast: Je kunt nauwelijks meer zeggen, dat hij tot ons herleidbaar is. Hij laat ons immers veel eerder achter zich, dan dat wij hem voortbrengen. Denk aan de stelling van Günther Anders, dat onze producten veel perfecter zijn dan wij zelf. En aan Jaron Lanier die vindt dat dat maar een oor is dat we ons ten onrechte hebben laten aannaaien: de toekomst heeft ons nog wel degelijk nodig.
Het meest waarschijnlijke scenario zal echter wel zijn, dat dit soort zaken nog in de verste verte niet geregeld of beantwoord is, voordat de werking van de vrije markt de productie van homo sapiens 2.0. al op gang heeft gebracht. We hebben in theorie wel de mogelijkheid om het eerst goed te doordenken, te regelen. Maar zeer waarschijnlijk gaan we dat niet doen. We zijn nog veel te zeer ingekapseld door het framework van homo sapiens dan dat we al fantasie, visie hebben op de immense mogelijkheden en verantwoordelijkheden van homo sapiens 2.0.

We zullen op het moment suprême, in wat ons ‘finest hour’ zou kunnen en moeten worden met het afleveren van onze grootste prestatie, in feite weer achter de feiten aanhobbelen.
Ik noem nu eerst een paar fundamentele kwesties, waar we mee te maken krijgen, nu er een mogelijkheid komt om met moderne mens-technologie een nieuw menstype (hominide, homo sapiens 2.0., humanoïde robot, cyborg) te maken.
Vervolgens kom ik te spreken over een botsing tussen ‘rechten van de mens’ en ‘rechten van homo sapiens’.

4 Drie Fundamentele kwesties
1. De nieuwe hominide is een commercieel product.
Het zijn vooral commerciële bedrijven die de technieken ontwikkelen en bezitten, die nodig zijn om de mens te verbeteren. (ik ga hier – te gemakkelijk –  even voorbij aan wetenschappelijke instellingen en hun onderzoek op dit veld) Hun oogmerk is winst en hun beleid is onderworpen aan de wetten van de markt. Hun investeringen zijn gigantisch en men zal het niet meer dan billijk vinden dat die investeringen ook hun geld opleveren. Een beslissing tot introduceren van een homo sapiens 2.0. zal genomen worden op basis van bedrijfseconomische argumenten.
Het maken van homo sapiens 2.0 is nu in het stadium van de ontwikkeling van deel-technieken. Dit kan beschouwd worden als het plaveien van de weg. Omdat er slechts heel kleine stapjes gedaan worden zal tegen de tijd dat de laatste grote stap gedaan wordt niemand bezwaar hebben.
Er is in 2010 een belangwekkend boek verschenen onder de titel ‘Next’. Daarin de herinneringen van de eerste vertegenwoordiger van het nieuwe mensentype. Die wordt neergezet als een menselijk-algorithme. Miriam Meckel, de schrijfster, betoogt dat de hele ‘take over’ door de nieuwe hominide te danken is aan onze vrij simpele instelling dat computers veel handiger dan wij dingen kunnen regelen. Ze zijn veel slimmer in veel op zichten. Dat is vooruitgang; dat is makkelijk voor ons. Een wereld waarin onzekerheden en twijfels uiteindelijk zijn vervangen door de wereld van uitsluitend nul en één is voortreffelijk! Dan ben je eindelijk af van die achterlijke onzekerheden. De ultieme droom van alle Verlichters. Beperkte of zelfs achterlijke politieke onderhandelaars gaan het afleggen tegen wezens die menselijke en kunstmatige intelligentie weten te combineren. Dat zou je toch moeten toejuichen.
Het is wat Günther Anders al sinds jaar en dag onder de aandacht brengt: doel van alle techniek is dat wij zelf overbodig worden. Als onze apparaten niet beter zijn dan wij zelf, hebben we er niks aan. Goede technologie wekt vertrouwen. Er komt een geleidelijke acceptatie.
Maar is dat vertrouwen terecht? Is het niet een vijandige overname? Hebben we echt wel een andere mogelijkheid dan ‘trial and (fatal?) error’?

Vroeger zouden we dergelijke urgente vragen beantwoord hebben vanuit bijvoorbeeld het kader van de Joods-Christelijke traditie. Daarin is de mens geschapen naar het beeld van God. Dan kon je het erop wagen. Dan hoeft niet alles van tevoren vastgelegd en afgeregeld te zijn. Als God nog niet het eindproduct in eens op tafel heeft gelegd bij de schepping blijft het toch wel degelijk God die garant staat voor de weg verder en alle verandering mag op Hem georiënteerd zijn. Dat komt wel goed. Dat wekt vertrouwen, –  menselijke producten op basis van de harde natuurwetenschap en techniek geven we dat vertrouwen niet. Deze harde wetenschap is immers geen geloof; heeft immers niks van doen met vertrouwen. Die werkt en daarmee uit. Maar vertrouwen en leven is iets geheel anders.
Nu een dergelijk geloofsconcept als van de joods-christelijke traditie niet meer werkt voor de meeste mensen, ontstaat er een vacuüm, en wel op een moment dat we dat allerminst kunnen gebruiken. We staan aan de grens van een nieuwe Singulariteit. Our finest moment! Kom er maar eens om!

De eerste fundamentele kwestie die ik U noemde is dus dat de nieuwe hominide een economisch product zal zijn. Daar hoort nog de aantekening bij, dat er ook een ‘levendige’ (sic) belangstelling voor deze menstechnologie bestaat in (geheime) laboratoria van allerlei legers. En wel van regeringen of strijdgroepen, die we op allerlei plaatsen op de ‘as van het kwaad’ kunnen inschalen. Een tweedeling in ‘goede en foute regeringen die deze technieken in handen hebben’ is dan onzin, omdat deze technieken zelf corrumperen. Het vervangen van de huidige mensheid in naam van een brave protestantse Nederlandse regering is kwalitatief net zo misdadig of niet als uit naam van ‘Dr. No’, de baarlijke duivel zelf.
De ‘neutraliteit’ van onze technologie en wetenschap is duidelijk in het geding. Maar dat was het al door de ziekmakende strijd om massavernietigingswapens te verbeteren totdat ze meer kunnen vernietigen, dan nodig is. Toch hangen nog steeds miljoenen ‘weldenkende’ mensen dit bizarre concept van ‘vrijheid van wetenschap en technologie’ aan.
Verderop komt aan de orde dat deze vrijheid van wetenschap en techniek voortvloeit uit de rechten van de mens zoals we die in 1948 hebben vast gelegd.

2. Medische wetenschap is niet meer wat het geweest is.
De tweede fundamentele kwestie waarmee we te maken hebben bij de productie van een homo sapiens 2.0 is dat de medische wetenschap omschakelt van genezen naar verbeteren. Ook dit heeft als nevenwerking dat de ontwikkelingen acceptabel worden. Want wat is er nu mooier dan dat de medische wetenschap de aard van haar problemen steeds fundamenteler kan aanpakken. De medische wetenschap wil zich niet beperken tot bestrijden van de symptomen, maar ook oorzaken van ziekten en gebreken uit de weg ruimen. Het is toch veel nobeler om mensen met een betere huid uit te rusten, dan steeds betere zonnebrandcrème te maken om huidkanker beter te kunnen repareren? Deze medische vooruitgang staat als een heel groot goed genoteerd.
Inmiddels ontstaat op medisch gebied een heel pakket van aanbiedingen die gaan van verbeteringen aan ons uiterlijk tot en met ingrijpen in ons erfelijk materiaal. Vele mogelijkheden van verfraaiing of verbetering zullen onder de aandacht van een groot publiek komen, en de vorm aannemen van een consumentenmarkt. Al dan niet onder regie van verzekeringsmaatschappijen nieuwe stijl. Er zal dan een hele discussie ontstaan over de vrijheid die je als ouders hebt om nog voor een bevruchting keuzes te maken die van enorme invloed zijn op het leven van je nakomelingen, versus aansprakelijkheid. Als je geen gebruik maakt van mogelijkheden om verbeteringen in je genetisch materiaal aan te brengen sta je straks wel als loser te kijk. Moet men zich beschikbare behandelingen laten welgevallen, ook als die tegen je levensvisie of religieuze overtuiging indruisen? Rechtszaken van kinderen tegen ouders om niet of wel aangebrachte functies zullen aangespannen worden.
Daar zal mee annex gaan een toenemende druk van beeldvorming in de media. Daar valt nauwelijks meer aan te ontsnappen.
Tegelijk wordt duidelijk dat er talloze voorbeelden zijn van ver gevorderde medische techniek die grote problemen mee brengt. Het is weer dat mechanisme dat we al eerder tegen kwamen: we kunnen eerder iets invoeren, dan dat we er morele en filosofische kaders voor hebben. We kunnen een medeschepsel al in een leven houden, waar geen uitzicht aan is. Straks kunnen we het verouderingsproces zo zeer beheersen dat er een ‘recht op overlijden’ geformuleerd moet worden. Wee hun voor wie tegen die tijd niets geregeld is.

De verbeteringstechnieken van de medische wetenschap vertegenwoordigen een economisch belang . In feite is dat terug te voeren op recht dat we individuele mensen hebben toegezegd.1 Het lijkt geheel logisch dat dat kan resulteren in het recht (van een bedrijf) om de mens zo te verbeteren dat homo sapiens tot het verleden gaat behoren. Want het is een kwestie van vrij ondernemerschap.2
Kan de mensheid, kan homo sapiens zich daar tegen verzetten? Wil hij dat? Uit naam van wie dan wel? Wie garandeert zijn voortbestaan eer dat weg-verbeterd is met gentechnologie en kunstmatige intelligentie? Of zijn er soms andere dan economische principes die ertoe leiden dat er stappen naar een volgend mensentype gezet moeten worden?

3. Democratie

Zolang er niets geregeld wordt gaat de vrije markt zijn gang, moet men nuchter vast stellen. Zo werkt de vrije markt immers. En het kwam al even ter sprake dat ‘de rechten van de mens’ daarin een rol spelen. Ook de informatiesamenleving van nu lijkt alleen maar baat te hebben bij volledige economische vrijheid.
Maar wie beter toeziet, merkt op, dat het concept niet deugt, in die zin dat het niet meer opgewassen is tegen de toegenomen technische macht die beschikbaar komt voor ‘de mens van de rechten’, de mens zoals gedefinieerd in de ‘rechten van de mens’.
De grote problemen van de mensheid zullen bij ongewijzigd doordraaien van de informatie samenleving niet opgelost worden. De scheefheid en de onbestuurbaarheid zal eerder toenemen. Er zullen alleen maar haves en havenots in grotere getale ontstaan. Een gigantische kloof, die in alle literatuur over de globalisering al luid en duidelijk gedocumenteerd is, zal alleen maar breder kunnen worden. De informatie samenleving heeft aangetoond dat de gebruikelijke democratie niet meer op kan tegen de slagkracht van economische belangen van grote concerns. En daar zitten ook de concerns bij die het voortouw kunnen nemen bij de productie van homo sapiens 2.0.

De huidige vorm van democratie begint verouderd te raken. Was misschien altijd al wel gebrekkig. Maar dat er geen vorm van bestuur voor handen is, die namens de mensheid kan beslissen op een moment dat de hele mensheid in het geding is, is uiterst pijnlijk. Men kan niet bij meerderheid van stemmen beslissen homo sapiens te vervangen.
Maar toch zullen er op een of andere manier ‘regels voor het mensenpark’ moeten komen.
Ook de moderne sociale media dragen ertoe bij dat de huidige vormen van democratie door hun hoeven zakken. Door middel van deze nieuwe media zijn ad hoc meerderheden te vormen voor heel snelle beslissingen. Dat dat alleen maar goed doordachte zijn, blijkt inmiddels niet het geval te zijn. Dat die alleen maar de vrede en het voortbestaan van de mensheid bevorderen, kan niemand garanderen.
We zijn op een punt in de geschiedenis aangekomen dat een structuur van nationale staten (begeleid door wat internationale organen) niet meer voldoet. Het wordt tijd om andere vormen van omgaan met de mensheid en de wereld als geheel te ontwikkelen.

4. Wereldbeweging
Misschien moet men eerder denken aan een wereldspiritualiteit; een wereldbeweging van onder andere niet-statelijke actoren waaraan de nieuwe problematiek toe te vertrouwen is. Misschien moeten we daarbij gaan denken aan een verbond van het Parlement van de wereldgodsdiensten met Rode Kruis, World Social Forum, Rode Halve maan. Met vredesbewegingen en anders globalisten. NGO’s als Greenpeace en Amnesty International zouden daarin betrokken moeten worden en wetenschappelijke gildes. Maar ook (nieuw in te stellen) denktanks en culturele bewakingsploegen. Er zal een heuse dynamisering van de ‘civil society’ voor nodig zijn. Peter Singer is al gekomen met de idee van een ‘Wereldassemblee’ die de huidige algemene vergadering van de VN zou moeten vervangen. Deze Assemblee zou volgens hem te vergelijken zijn met het Europees Parlement. Er vallen in deze discussie al termen als ‘kosmocratie’ (John Keane). En misschien kan het denken over ‘collectieve wijsheid’ (Surowiecki) iets opleveren.

Er zal hoe dan ook een manier bedacht moeten worden om met deze nieuwe problematiek om te gaan, anders ‘regelt het zich zelf’, en de vraag is of we dat willen. Neen, niet ‘het’ regelt zich zelf, maar de paar mensen regelen het die op een bepaald (het juiste?) moment op de juiste plaats zitten om het meest ondemocratische besluit te nemen dat er te nemen valt.
Het zal een enorm probleem worden om hier verder te komen; bijvoorbeeld omdat we te maken hebben met reeds gevestigde belangen van personen, bedrijven, staten. Neem een spelbepalende organisatie als WTO. Idem boven-nationale instellingen als de VN met haar veto-recht voor een kleine elite van staten. Tel daarbij op de onwil tot hervorming van de VN, laatst nog luidruchtig becommentarieerd bij het 65-jarig bestaan van de VN. Kritische literatuur op dit terrein is volop aanwezig. Maar de echte urgentie voor deze problematiek dringt naar mijn mening nog maar heel erg weinig door. De urgentie van een goed werkende griepprik is bij velen hoger, dan het besef dat de mensheid zelf haar Apokalyps kan organiseren.
Mijn overtuiging is, dat de wereldproblematiek alleen maar zal toenemen en dan misschien wel zal dwingen tot de overtuiging dat we geen andere keus hebben, dan een nieuw systeem van beslissen.
Dat kon wel eens betekenen dat er ‘rechten van de mens’ ingeleverd moeten gaan worden. Als prijs voor het voortbestaan van de mensheid zelf lijkt me dat ook weer niet te veel gevraagd. Zeker niet als waar te maken zou zijn dat de huidige Declaratie van de rechten van de mens wel als universeel verkocht wordt, maar in feite een westerse variant van die rechten is.  Maar ook dit tekent wel hoe urgent de thematiek is. Als er zulke fundamentele veranderingen voor nodig zijn, dan is het blijkbaar hoofd- en halszaak.

5. Rechten van de mens botsen op rechten van homo sapiens
Op een rijtje gezet wat ik tot nu toe vond:

  • De mogelijkheid om een nieuwe hominide te lanceren kan realiteit worden.
  • Het wordt realiteit in een economische setting die steeds minder deugt.
  • We hebben al te maken met een medische wetenschap die een weg opgaat waar grote gevaren voor de mensheid niet uitgesloten zijn.
  • We hebben al te maken met een democratie die nog nooit wereld-regering hoefde te zijn, maar wel een sterk gebouw van gevestigde belangen heeft opgetuigd.

Ik zet nu een volgende stap in mijn betoog: de eigenlijke oorzaak van dit alles is een blijkbaar verkeerd uitpakkend concept van ‘de rechten van de mens’.

Rechten van de mens zijn voortgekomen uit de wens om absolute macht van regeerders, leiders, ten opzichte van de individu te beteugelen. De ontwikkeling van het recht heeft zich daar ook op gericht.
Maar er is nog niet eens een begin gemaakt met de vraag of de mensheid als geheel ook een recht heeft. Heeft de mensensoort homo sapiens een recht om niet uit te sterven c.q. een recht om niet vervangen te worden? En hoe is een dergelijk recht af te dwingen? We hebben met het afdwingen of garanderen van de huidige mensenrechten navenante problemen. Dat heeft op bepaalde punten wel raakvlakken met de discussie of diersoorten een recht op voortbestaan hebben.
We leveren zo bezien het voortbestaan van de mensensoort uit aan de werking van de vrije (?) markt van de vrije mens met zijn mensenrechten. En we moeten niet vergeten dat de ‘rechten van de mens’ juist geformuleerd zijn om hem te beschermen tegen enige negatieve werking van welke structuren dan ook.
Toch is het nooit de bedoeling geweest om mensen het recht te geven om het groter geheel van leven en samenleven te vernietigen. Dat probleem was destijds gewoon niet aan de orde; men had er de middelen niet voor. Maar wat dat betreft is het getij verlopen. Als er mensen zijn die een recht op dergelijke ingrijpende, (verwoestende) technologie claimen, is er iets fundamenteel mis met dat recht; en dus met de claim. Deze rechten zijn niet meer menselijk omdat ze zich tegen de mensheid als zodanig keren.
Wie het intellectueel eigendom op de mensheid weet vast te leggen, kan zijn prijs vast stellen en de condities; die is straks de baas. Want zo werken de huidige ‘Rechten van de mens’.
De rechten van de mens blijken nu een weeffout te hebben, omdat ze de rechten van de mensheid in de weg gaan zitten. Het is voor het eerst in de wereldgeschiedenis dat mensen werktuigen hebben die de hele mensheid aanpakken. Dat was nog nooit echt het geval. Maar sinds een 100 jaar wel. En binnen enkele decennia nog veel sterker.
Nergens is al iets afgesproken over welke vernieuwingen en verbeteringen aan huidige homo sapiens nodig zijn, of wie een licentie krijgt om een nieuwe hominide in omloop te brengen. Het is vrijwel zeker dat het niet om één model zal gaan. Er moet zeker aan een meervoud gedacht worden. Zullen die elkaar mogen beconcurreren?
Wat valt er af te spreken voor een tijd van overgang waarin het nieuwe type ‘aan de man gebracht wordt’ maar ook het oude nog bestaat? Er moet rekening mee gehouden worden dat een verbeterde versie de verouderde zal verdringen, volgens het aloude evolutie-principe van de survival of the fittest.
In de loop van duizenden jaren homo sapiens cultuur hebben we het principe / het recht ontwikkeld, van de beschermwaardigheid van zwakkere levensvormen. Waar blijft dat als we tegelijkertijd het recht moeten overeind houden van iemand die kennis en economische en technologische macht heeft om de sterkere levensvorm door te zetten? Als de nieuwe humanoïde robot beter is dan de huidige mens, wie garandeert dan dat compassie met het zwakkere daarin optimaal meegenomen zal worden?
In theorie bestaat ook de mogelijkheid dat homo sapiens 2.0., in bepaalde opzichten of als totaal, een stap terug is, afgezet tegen de huidige homo sapiens. Je zou denken dat niemand daar op zit te wachten. Maar dat kun je maar beter ook goed afregelen. Want als het kan, claimt iemand nu zijn recht om het ook te mogen doen. Hier moet ik nader bestuderen wat Nick Bostrom daarover schrijft in ‘Superintelligentie’.
Dat ‘rechten van de mens’ en ‘recht van de mensheid’ niet meer met elkaar sporen, heeft alles te maken met de dominantie van de westerse wijze van denken en het westerse beeld van de mens, ten tijde van de vastlegging van de rechten van de mens. Er is destijds wezenlijke kritiek uit o.a. moslimkringen op dit arrangement van mensenrechten geweest. Die kritiek betrof juist de verhouding van het individu ten opzichte van het geheel, de gemeenschap. Het kon wel eens zijn dat men daar eerder oog zou kunnen krijgen voor een ‘recht’ van de mensheid. Ik wil niet uitmaken of een niet-westerse wijze van denken zonder meer de oplossing heeft voor de problemen van de toekomst van de mensensoort. Maar de idee van ‘rechten van de mens’ moet op zijn minst aangevuld worden met de vraag naar de ‘rechten van de mensheid’. Interessant in dit debat is de dissertatie van Judy Ford ‘Climate change as metaphor and catalyst’.

6. Homo sapiens 2.0. een aanwinst.
De zogeheten Transhumanisten hebben voor zo ver ik weet de meest positieve houding ten opzichte van een nieuwe mensensoort. Men had kunnen denken, dat de Christenen dat op hun palmares zouden moeten schrijven, omdat zij onomwonden belijden dat ze geloven in een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, en ook het concept ‘nieuwe mens’ kennen. Maar Christenen hebben nog lang niet hun trauma van de menselijke technologie verwerkt, zoals de Transhumanisten dat al wel deden.  Deze laatsten gaan ervan uit dat technologie de sleutel is tot hogere niveaus van intelligentie, en bewustzijn. Het ontwikkelen naar dat hogere niveau is niet te stoppen; het beperkt zich ook niet slechts tot mensachtigen, maar het moet uiteindelijk het hele universum boven een primitief materieel niveau opheffen naar een volledige spirituele vorm van zijn.
Ik breng hen ter sprake vanwege die 100 % positieve opstelling jegens veranderingen aan homo sapiens. Voor hen is het geen enkel punt dat homo sapiens vervangen wordt: het kan alleen maar beter worden, – misschien ten koste van wat tijdelijke miskleunen, maar toch. Terwijl anderen in eerste instantie hun wenkbrauwen fronsen bij het toenemen van de technologie aan de mens, en hun hart vasthouden omdat er zo veel mis kan gaan en er zo veel gevaren loeren, zien de Transhumanisten alleen maar geestelijke verrijking van de bestaande levensvormen en vergroting van variatie en creativiteit. En ultieme kansen om de boze dromen en daden van homo sapiens en voorlopers eindelijk af te schudden. En op zich hebben ze wel een punt dat de zin van alle techniek en levensvormen gelegen zou zijn in de uiteindelijke overwinning op het kwaad-van-de-mens en de onvolmaaktheid van de schepping als geheel.
Maar velen zijn aan dat ongebreidelde optimisme niet toe.
Ik behoor tot hen en blijf tegelijk iets van spijt proeven.
Desondanks of juist daarom wil ik niet alleen maar denken vanuit de bedreiging die homo sapiens 2.0. zou kunnen betekenen voor de huidige homo sapiens. Waarom niet uitkijken naar humanoïde robots die werkelijk als ‘grote broer’ gaan functioneren, maar dan in de zin van ‘reddende engel’? En zou het niet geweldig zijn, als je aan dat project mee kunt werken middels je wetenschap en techniek? De hamvraag wordt dan: waar smeden we de ethiek die we onderweg nodig hebben om het hele project naar de nieuwe mens niet te laten ontsporen?

Je wilt het hopen, maar dat is niet genoeg: er moet iets geregeld kunnen worden. en op grond waarvan? Het huidige concept van technologie zelf  kan geen argumenten voor of tegen de ontwikkeling van een nieuwe hominide leveren. Wat de technologie kan leveren is kwalitatief anders dan iets wat een ‘recht’ op bestaan kan rechtvaardigen of oproepen. Huidige technologie zegt dingen te kunnen, en niet te willen beoordelen of ze goed of kwaad zijn in moreel opzicht. Ik kom daar op terug.
Ik merk op dat deze thematiek geheel nieuw is. Tot nu toe hoefden we ons niet het hoofd te breken over rechten van wezens die er nog niet zijn. Want het zouden nooit echt ‘wezens’ zijn, maar altijd producten van onze hand. Dat viel wel bij extrapolatie te regelen. Als men er al over nadacht zouden rechten van toekomstige ‘mensen’ alleen maar kunnen liggen in lijn van die van de nu bestaande mensen. Maar nu er reden is om ons af te vragen of de bestaande mensheid een onvervreemdbaar recht heeft om voort te bestaan, is ook de parallelle vraag aan de orde: heeft een nieuwe, – want denkbare, want maakbare – mensensoort enig recht van er te zullen zijn?

7. Toespitsing

De twee hoofdvragen die we tegen kwamen zijn:

  1. Heeft homo sapiens een recht om voort te bestaan?
  2. Heeft homo sapiens 2.0. een recht om te verschijnen?

Ad 1. Heeft homo sapiens een recht om voort te bestaan?
Maar wat is een ‘recht’ op voortbestaan dat homo sapiens zou hebben of moet hebben? Het meest eenvoudige antwoord op die vraag is: homo sapiens moet de homo sapiens van nu blijven. Dat is zijn recht. Met niet wezenlijk andere functies dan de huidige. Is dat een visie die te onderbouwen is?
Ik heb als niet-jurist niet de bedoeling daar juridische redeneringen op los te laten. Ik heb wel de volgende opmerkingen.

Dat ‘recht’ is onmogelijk te gronden op hard natuur-wetenschappelijke concepten. Ook zonder menselijke technologie zou homo sapiens veranderen en naar nieuwe soorten kunnen over gaan. Ook in de evolutie is homo sapiens geen blijvertje. De evolutie weet er niets van dat homo sapiens al de absolute top zou zijn. Ze gaat nog stug door. Doel-loos. Met de ‘gewone’ biologische evolutie is de overgang naar een andere soort, welke dan ook,  pas over vele miljoenen jaren een feit. Dat is juist. Maar een nieuwe soort is op zich geen uitvinding van de mens. Het zit er gewoon in; de mens hoeft daar, zo geredeneerd geen ‘recht’ voor te hebben. Hij ontwikkelt toch wel door. Dat kun je niet eens stoppen, of je moet hem uitroeien. Dus vanuit de biologische evolutie ligt het niet voor de hand om te gaan spreken van een ‘recht’. Dat is niet realistisch. Heel de schepping bestaat uit verandering. ‘Niets is hier blijvend’.
Wat we wel kunnen doen, is: een recht toekennen. Alleen wij mensen kunnen dat. Wij kunnen niet afspreken of besluiten om homo sapiens te laten zoals hij nu is. Maar we zouden wel, en hooguit, een code kunnen opstellen, dat we onze technologie daar niet voor willen gaan gebruiken. Of alleen met zekere restricties. Daar kunnen wel een aantal redenen voor opgegeven worden. Ik noem er drie.

  1. Uit eerbied voor de traditie. Homo sapiens gaat al tamelijk lang mee. Hoewel, kosmisch gesproken is hij nog maar een jonkie. Hij heeft geweldige mooie dingen (mee-)gemaakt. Hij heeft het hele humane project ontwikkeld. Morele groei: graag, maar verder: ‘Zo laten. Niks meer aan doen!’ Dat is een goed verdedigbare positie.
  2. Uit angst voor ‘collateral damage’ homo sapiens maar zo laten. Een nieuwe mensensoort zal bijvoorbeeld een verhevigde tweedeling met zich mee brengen tussen ‘verbeterde types’ en ‘nog niet opgevoerde’ homo sapiens. Met ongelooflijke sociale en culturele spanningen. Als wij mensen een nieuwe mensensoort gaan maken, staat dat project per definitie bloot aan concurrentiedrift en misdadige opzetjes.
  3. Uit een misplaatste gemakzucht kan men homo sapiens zo laten. Omdat het zo’n moeilijk thema is, laten we het maar lopen. Niet alleen de besluitvorming erover is hoogst ingewikkeld. Maar ook het filosofisch concept.

Des poedels kern is dan: hoe zorg je ervoor dat het ook werkelijk hierbij blijft. Nog afgezien van het gegeven dat de evolutie zich wel eens niets aan zou kunnen trekken van onze evt. mooie afspraken. Maar de vraag is en blijft: Hoe voorkom je dat een of ander bedrijf of een onverlaat ermee op de markt komt? Hoe krijg je de ontwikkeling van technologie en wetenschap zo in de hand dat niemand ongewenste verbeteringen aan homo sapiens aan gaat brengen?
Vooralsnog zie ik daar geen mogelijkheid toe om dat sluitend af te dwingen. Omdat het zo cruciaal is, kun en wil je waarschijnlijk niet volstaan met een morele code waaraan betrokkenen (wie zijn dat dan wel?) zich vrijwillig houden. Omdat alles op internet terecht komt, kunnen ook mensen die niet tot de groep horen die een code heeft opgesteld, ermee aan de slag; natuurlijk is de kans groot dat die zich niet aan de gedragscode zullen houden. Je hebt daar een al veranderde mensensoort voor nodig, namelijk een die zich volledig laat controleren. Daarbij hoeven we niet meteen te denken aan ‘1984’- toestanden, maar toch. De huidige homo sapiens die dit zou moeten afspreken, is juist niet geneigd om een dergelijke afspraak te maken. We vinden terecht of onterecht dat dat zo helemaal niet bij homo sapiens hoort.

Nogmaals: dat vloeit voort uit de huidige kijk op de rechten van de mens. We hanteren kamerbreed de opvatting dat een mens het ‘recht’ moet hebben om (uit naam van de wetenschap misschien wel) homo sapiens op te heffen naar een andere soort. Het wordt tijd dat we ons gaan realiseren, dat die visie een deur openhoudt naar een zeer ongewenste, in elk geval nog zeer slecht doordachte situatie voor de mensheid.
Gunther Anders heeft nog eens de gedachte gelanceerd van: een ‘uitgebreide Eed van Hippocrates’. Niet alleen voor dokters. Maar voor iedereen die bezig is met technologie die het leven raakt. Die eed zou erop neerkomen: “Ik zal geen werk doen zonder van tevoren getest te hebben of het aan vernietiging (uiteindelijk van de mensensoort) bijdraagt, direct of indirect.”

Aan de andere kant kun je aan het feit dat de evolutie op den duur toch wel een andere species oplevert, een rechtvaardiging ontlenen om daar bewust met onze wetenschap en technologie aan te werken. Het enige (niet geringe) verschil met de evolutie is, dat mensen er aan verdienen. Dat heeft homo sapiens nog nooit het grootste bezwaar gevonden. Bovendien kan men zeggen: de evolutie moet het wel erg hebben van toeval, – is het niet veel gezonder als mutaties rationeel tot stand komen ipv door blind toeval?! Dat is wel een slimme redenering. In die zin zou er best van Intelligent Design gesproken kunnen worden. Maar heeft Rudiger Safranski een punt, als hij vraagt: “Moet de mens het recht hebben om geboren te worden, en niet gemaakt?”

Ad 2. Heeft homo sapiens 2.0. een recht om op te treden.

Ik ben in eerste instantie geneigd om ‘Neen’ te antwoorden. Nog niet bestaande nazaten kunnen op geen enkele wijze een initiatief nemen tot wat dan ook. Dat geldt evenzeer voor producten. Die worden ontworpen en gemaakt of niet. Daar houdt het grotendeels mee op. Toch kan men hier nog wel wat meer van zeggen.
Bijvoorbeeld zijn er bepaalde ontwikkelingen die als het ware vragen om een vervolg-product. Berucht is het verhaal juist van het omgekeerde : toen de eerste grote IBM-computer gebouwd werd voorzag men dat er hooguit 3 of 4 voor de hele wereld nodig zouden zijn. Men voorzag niet dat deze technologie goed zou zijn voor de PC van nu. Mij is niet bekend of men ook daadwerkelijk overwogen heeft om hier harde afspraken over te maken. Later zou men bij het ontstaan van het internet ook zo’n moment hebben. Zoals bekend heeft men dat niet waar genomen. Met alle gevolgen van dien. Maar men kan ook zeggen: dat was toch niet tegen te houden. Die eerste onhandelbaar grote computers vroegen er als het ware om in het klein te worden herontdekt als speeltje voor iedereen. Met de bekende en onbekende onvoorziene gevolgen.
Misschien moet je dan niet zo zeer spreken van een ‘recht’ van een toekomstige ontwikkeling. Maar er is wel zoiets misschien als ‘de eigen wil van technologie’. En als die wil er is, is het misschien wel zo goed, dat dat dan vooral niet geheel buiten ons om gaat. Hoe speel je daar op in? Is er een marge waar men (wie?) nog wel wat kan sturen misschien? Maar vanuit welke principes zou men dat dan gaan doen?

8. Afronding
Ik ben van mening, dat de makke van de post-moderniteit zich hier laat voelen : het ontbreken van een kader, een visie, een ‘Groot verhaal’ van waaruit gedacht kan worden. Er is geen set met vaste criteria meer op grond waarvan we beslissingen over onze samenleving nemen: wat goed en kwaad is in de kunst, in de politiek, in economie enz. Misschien is de beste dienst die we homo sapiens (welke type dan ook) kunnen bewijzen wel, dat we elkaar niet meer na blijven praten dat alle Grote Verhalen (Lyotard) onwaar zijn omdat ze (definitief ?) gefaald hebben. Waarschijnlijk is het veel realistischer om te stellen dat die Grote Verhalen elkaar in hun ontwikkeling wel gefrustreerd hebben, maar dat er urgente redenen zijn om ze te herontdekken. Want anders blijft het grote techno-industriële Verhaal gelden.

Vraag: Zou een ander Groot Verhaal niet andere ‘rechten van de mens’ opleveren? En eerlijkheidshalve daaraan gekoppeld de vraag: Zou de sfeer van de huidige ‘rechten van de mens’ niet een belangrijke oorzaak zijn dat de Grote Verhalen faalden, achterhaald raakten?Het heeft er zelfs alle schijn van dat we wel gedwongen worden met een (nieuw) Groot Verhaal te komen, anders zal een nieuwe homo sapiens 2.0. alle trekken hebben van vulgaire kletspraat.
Die komt dan in omloop door het bekrompen verhaaltje van misverstane vrijheid van wetenschap. Zou het niet een stap vooruit zijn, als men zich daarbij niet zou kunnen beroepen op de huidige formulering van de rechten van de mens. Die zijn min of meer in hun huidige concept gaan werken als een ‘groot verhaal’, bij gebrek aan beter.
Een herontdekking van Het Grote Verhaal zou iets als een ‘meta-humanisme’, zoals ik het maar wil noemen moeten opleveren. Wat en wie is eigenlijk die mens waarmee we onderweg zijn? Onderweg naar wie of wat?
Als theoloog zou ik nog willen antwoorden: werk het bijbels concept ‘mens als beeld van God’ nog eens beter uit. Herijk de christelijke visie op de mensheid als soort.
Dat is geen geringe uitdaging voor de theologie. Maar tegelijk is het ook wel het minste waarmee theologie zich zou kunnen rechtvaardigen. Zou het lukken, een dergelijk Groot Verhaal? De Bijbel heeft er genoeg ‘kleine verhalen’ voor, die naadloos aansluiten bij allerlei andere visies op menselijkheid. Niet in de laatste plaats Gaia-theorie?
Nog een hint: Hier is een gerede aanleiding voor de Wereldraad van Kerken om samen met andere religies en overtuigingen zijn ‘leer van de rechtvaardige vrede’ met dit belangrijke punt uit te breiden en daarmee nieuwe actualiteit te geven. (zie mijn artikel over het 5e veld bij het paradigma van Rechtvaardige Vrede.

9. Moratorium ?
Dit laatste onderdeel heeft bewust een opschrift met een vraagteken gekregen. Het zal duidelijk zijn, dat het gesprek over bovengenoemde punten veel tijd en inspanning zal vergen. En als die tijd gekocht kan worden door een moratorium van bepaalde aard, is dat een bonis.
Waarschijnlijk moet het dan niet een algemeen verbod zijn op onderzoek en experiment op het terrein van voortplanting en kunstmatige intelligentie, want dat is niet realistisch. Maar een afspraak om bepaalde extreme technieken niet toe te passen ligt misschien binnen de mogelijkheden. Van enorm belang is de inbreng van de wetenschappers zelf. En ook: hoe deze wetenschappers die inbreng kunnen leveren gezien hun contractuele verplichtingen aan commerciële werkgevers.
Er zou misschien zelfs een fonds moeten komen waaruit bedrijven die schade gaan lijden van het opschorten van bepaalde economische activiteiten op dit vlak, (gedeeltelijk) gecompenseerd kunnen worden. Zeker voor wat betreft het inkomen van bepaalde onderzoekers. Je kunt het niet zonder meer weg schuiven naar ‘normaal bedrijfsrisico’ dat je loopt op de vrije markt. Je moet op een of andere manier voorkomen dat bedrijven met deze zeer ingrijpende technieken binnen het bereik van de vrije markt blijven opereren.

Het feit dat bepaald onderzoek op dit terrein in tamelijk geheime laboratoria plaats vindt, maakt een en ander alleen maar moeilijker. Bekend is dat heel veel van dit onderzoek de interesse van het leger heeft. Veel toepassingen zouden kunnen leiden tot nieuwere, zogenaamde ‘smart weapons’. In dat geval is er geen controle op de werking van welk moratorium dan ook.

Literatuuropgave

Anders, Günther (1980 en 1981) Die Antiquiertheit des Menschen 2 Bände. München C.H. Beck
Bos, Arie (2010 3e dr) Hoe de stof de geest kreeg. De evolutie van het ik. Zeist, Christofoor.
Bruggen, Koos van der (2004) Mondiale moraal: rechten en plichten op wereldschaal. Den Haag Rathenauinstituut.
Hamelink, Cees J. (2004) Human Rights for communicators. Cresskill, Hampton Press.
Kurzweil, Ray (2005) The Singularity is near. When humans transcend biology. Penguin Books.
Lanier, Jaron (2012) Gadget, warum die Zukunft uns noch braucht. Berlin Suhrkamp.
Lindijer, Koert (2003) Op verkenning in het postmoderne landschap. Zoetermeer Boekencentrum.
Meckel, Miriam (2011) Next. Erinnerungen an eine Zukunft ohne uns. Reinbek, Rowolt.
Safranski, Rudiger (1999) Het recht om geboren te worden, niet gemaakt in: Sloterdijk, Peter (2005).
Singer, Peter (2003) Eén wereld. Ethiek in een tijd van globalisering. Rotterdam Lemniscaat.
Sloterdijk, Peter (2005 3e dr.) Regels voor het mensenpark. Amsterdam Boom.
Surowiecki, James (2004) The wisdom of crowds. Why the many are smarter than the few and how collective wisdom shapes business, economics, societies and Nations.


1Zie o.a. art 17 (recht op eigen bezit) en 23 (recht op werk en vrije keuze van arbeid) van de universele Verklaring van de rechten van de mens (1948)
2Zie Convenant op economische, sociale en culturele rechten 1966/1976

(Dit artikel werd geschreven ter gelegenheid van een klein symposium dat gehouden werd bij het afscheid van Prof. Dr. C.J. Hamelink als hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam, 2011)

Advertenties

Een reactie op De houdbaarheidsdatum van de Rechten van de mens is in zicht.

  1. Gerrit Timmermans zegt:

    Jan Anne,
    Wat een overdenkingen in je bovenstaand referaat. Je kaart nogal wat aan.
    Houdbaarheidsdatum van de rechten van de mens in zicht?
    Nu al nadenken over de rechten en plichten van de homo sapiens 2, we kunnen er nu nog wat aan doen.
    De grote vraag is echter, wie zijn “we”? Bestaan “we” nog wel? Zie de ontsporing van homo sapiens 1. Zijn “we” niet verworden tot een eindeloze reeks van groeperingen, naties, religies, etc., met allen hun eigen normen en waarden, tot en met het heilige individu.
    Geen gezamenlijk doel, maar ieder voor zich. We wonen de aarde uit en verwoesten haar.
    Dit alles kan m.i. leiden, ondanks alle technologische ontwikkelingen, tot een ondergang van een groot deel van de schepping en mensheid. Kijk om je heen, er lijkt geen houden aan.
    Iedere groep zal zich bezighouden met overleven, laat staan dat zij zich zullen bezighouden met regelgeving omtrent h.s.2. De ontwikkeling van h.s.2 zal onverdroten doorgaan omdat er voor sommigen voordeel mee te behalen is, tenzij ook zij onoverkomelijke klappen krijgen te verduren.
    Aan onze cultuur ligt het joden- en christendom ten grondslag. Het christendom is door haar ontwikkeling m.i. mede schuldig aan een ophanden zijnde catastrofe. Het gaat uiteindelijk niet meer over het goede leven hier op aarde, maar om het toekomend leven. Heel de christologie en de idee dat het alleen in hoofdzaak om een heilsgeschiedenis voor de mens gaat, is m.i. fnuikend voor heel de schepping.
    Is er dan nog een kans om het tij te keren?
    Je begint zelf over “het grote verhaal”. Het grote verhaal moet weer terug, schrijf je.
    Ik heb me bij mijn visie op het grote verhaal laten inspireren door Ellen van Wolde.
    In onze westerse cultuur is Genesis het grote verhaal over het begin.
    “Laat ons een mens maken naar ons beeld, op ons gelijkend en dat zij heersen over de vissen van de zee, over de vogels van de hemel, over het vee, over heel de aarde en over al wat kruipt op de aarde. God schiep de mens naar zijn beeld, naar zijn beeld schiep hij hem, mannelijk en vrouwelijk schiep hij hen”.
    De mens is de enige die niet naar zijn eigen soort wordt gemaakt. In plaats van “zijn soort” staat er “naar ons beeld”. De bezittelijke voornaamwoorden die bij de andere levende wezens terugverwijzen naar schepsels zelf, verwijst de mens naar God. Dat betekend dat de mens niet het referentiepunt in zichzelf vindt maar in God. De menselijke soort is gemaakt om naar God te verwijzen. Hoe dan?
    Genesis 1:28, Drie opdrachten t.a.v. de mens en de aarde.
    1. Dat de mens vruchtbaar en talrijk moet worden en de aarde moet gaan vullen. Dit kan men niet te rigoreus opvatten , want de mens is niet de enige soort die de aarde mag bewonen, de dieren hebben immers dezelfde plaats gekregen.
    2. De mens krijgt de opdracht de aarde te onderwerpen, de mens voert heerschappij over de aarde en kan er controle over uitoefenen. Bij deze onderwerping kan geen sprake zijn van een eenzijdige heerschappij , want zoals de te bewerken aarde afhankelijk is van de mens, zo is de mens volledig afhankelijk van de aarde. De relatie mens/aarde is te vergelijken met die tussen de hemellichamen en de aarde. De hemellichamen zijn gemaakt om te heersen over de dag en de nacht, de mens is gemaakt om te heersen over de aarde. In beide gevallen gaat het om het installeren van een nauwe band tussen de geschapen onderdelen. Het gaat om een niet te verbreken band tussen mens en aarde.
    3. De derde opdracht is dat de mens moet heersen over al de dieren op aarde, heerschappij voeren over. Elke vorm van heerschappij omvat een heel potentiaal aan mogelijkheden: van pure onderdrukking en vertrapping naar zorg en verantwoordelijkheid dragen. Het is aan de mens om zijn opdracht t.a.v. de aarde en de dieren in te vullen op een wijze die in overeenstemming is met zijn beeld van God zijn.
    In Genesis geeft God aan de mens en de dieren alle planten en zaaddragende gewassen tot voedsel. Alles wat levensadem heeft is zo gekenschetst in nauwe samenhang met de aarde en de planten van de aarde. De aarde is a.h.w. een cadeau, bedoeld voor het goede leven.
    Hoe nu verder?
    Het lijkt erop dat de mens zijn opdracht verloren is geraakt, en zo een “Godsverduistering” heeft veroorzaakt, met alle gevolgen van dien.
    Als de mensheid niet bij machte zal blijken om aan deze drie primaire opdrachten te voldoen, dan zullen m.i. uiteindelijk veel relaties tussen aarde, mens en alle andere bewoners op deze aarde verbroken worden. Allemaal?
    Hoe verder? Er is hoop! Moeder Aarde is een niet te onderschatte factor in deze. Zij heeft door de eeuwen heen bewezen over een niet te onderschatte levensherstellende cyclus te beschikken.
    Wie weet wat de mensheid nog te verwachten staat.
    Nog even over h.s. 2. Stel dat God h.s.1 geprogrammeerd heeft en ik zie wat er van terecht is gekomen, wat kan ik dan verwachten als h.s.1 h.s.2 gaat programmeren??
    Dit zijn wat vluchtige hersen spinsels mijnerzijds.
    Gerrit Timmermans.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s