Ziekte niet langer meer: ‘Gods eigen instrument’?

(Met dank aan een paar meelezers.)

Toen iemand onlangs zei “ziekte als instrument van God”, ging het me allemaal een beetje te snel. Er werd wel instemmend geknikt, maar later bedacht ik, dat je dat zo eenvoudig toch niet kon zeggen.
Wordt bedoeld met instrument dat God ziekte geschapen heeft? Zo klinkt het wel. Op welk Godsbeeld kom je dan uit? Waarschijnlijk op het klassieke: ‘Almachtige God’, die over alles gaat, dus ook over pijnlijke zaken als ziekte. Dat wringt onoplosbaar. Maar wat mij betreft ligt dat meer aan ons concept van almacht, dan aan God. We hadden dat begrip niet moeten ontwikkelen.

De Heidelberger Catechismus die me dierbaar was bracht het wel zo. God gaat immers over alles.
Of anders die eerste gelijkenis in Johannes 15 dat ‘mijn Vader de landman is .. die elke rank die wel vrucht draagt bijsnoeit’. Snoeien sloeg dan op ziekte, moeilijkheden en tegenslagen die we niet kunnen ontlopen maar waar we sterker uit te voorschijn komen. Dominees en pastoors nuanceerden dat als het goed was nog een beetje: mensen kwamen er ook wel eens zwaar verbitterd uit. Verloren er hun geloof bij. Dat was verdrietig. Maar er waren voorbeelden zat dat mensen er ‘beter’ uit kwamen. Het was een leerschool.  Houd vooral vol.
Het lijden verheerlijken, neen. Dat nou net ook weer niet. Maar God doet het voor ons bestwil, is de achterliggende gedachte. Zijn instrument om ons te verbeteren.

Maar van dat snoeien geldt tegenwoordig : ¨We worden steeds minder gesnoeid, want de wetenschap werkt allerlei leed en ellende de wereld uit.” En die kant wilde de spreker waar ik mee begon ook op: “Als ziekte instrument van God (kan) zijn, moeten we die God dan wel uit handen nemen door al die spectaculaire mogelijkheden die moderne wetenschappers en technici op de markt gaan brengen tegen ziekte en misvorming van het leven. Is God daar wel van/mee gediend?”

Ik erken het goed recht van die vraag. Maar ik durf niet te zeggen dat God er niet van gediend is. En ben je dan ongelovig, of niet zo zuiver in de leer als  je ziekte e.d. geen instrument van God wilt noemen?
Het lijkt me niet; het is volgens mij geen dogma. Snoeien is geen noodzakelijke ‘eigenschap van God’. Het is beeldtaal. Het hoorde bij Gods ‘oneigenlijk werk’, zeggen theologen wel.
Het typeerde Hem niet ten diepste.
Ziekte hoort in de Bijbel in het kamp van de ‘vijand’ van God en het Goede Leven. Zo ook allerhande andere ellende. Jezus is op zijn best als Hij ziekte en chaos bestrijdt. Die keer dat Hij het bij een genezing op een raar soort akkoordje gooit met de boze geesten (zie preek  “Zet Jezus maar op de boot”) is echt een uitzondering, en komt voor rekening van de verteller, dunkt me. Jezus is duidelijk tegen!

In geloofstaal heet het dat ziekte van ‘na de zondeval’ is, maar fysiek kon dat wel eens heel anders verwoord moeten worden. Ziekte is ook dat het stofwisselingsproces van cellen uit de pas loopt, of niet functioneert.  En dan gaat een orgaan in de fout. Dan is dat een natuurlijk onderdeel dat bij het proces dat leven heet hoort; en niet een morele fout als de zondeval.
Geloofstaal en fysieke taal dekken elkaar niet één op één.
Dat weten we ook wel : We nemen rustig antibiotica of zo, en ervaren dat niet als zonde. Als ziekte al instrument van God is, dan verzetten we ons daar toch gerust tegen met medicijnen en dokters en verplegenden en apothekers en ons hele regiment aan wetenschappers.
Iets leren van een ziekteperiode in ons leven kan best. Maar het is niet: medicijnen contra God. Of God in plaats van kunstheup.

Veel meer dan de ziekte is de dokter c.s. instrument van God. Dat lijkt me een goede manier van geloven. En aan Jezus de Heiland afgelezen, erg Bijbels. De heidense idee van God die onder één hoedje speelt met de vijand,- neen, dank u.

Want de Bijbel geeft geen pagina’s uit ons natuurkundeboek; de Bijbel is ook geen medisch handboek. De geloofstaal van de Bijbel duidt leven en ziekte.
En ziekte krijgt dan de duiding ‘kwaad’, niet als een natuurwet. Kwaad staat onder het voorteken van: het moet eruit. Kwaad is iets wat bestreden moet worden. En kan worden. Je moet er tegenaan! Je moet het niet voor lief nemen. Het moet veranderen. Je moet er van genezen. En als dat aan de orde is: je mag je bekeren. Je mag er tegen vechten. Daarom ging een Albert Schweitzer de jungle van Lambarene in, denk ik dan. Daarom toch vredesbeweging: bekeren van wapens en de dodelijke verhoudingen.

En daarom niet pas pleisters plakken als er bloed vloeit, maar oorzaken tegen gaan.  Met de grote nieuwe technische mogelijkheden kunnen we bizarre dingen doen aan onze gezondheid en aan onze mensensoort zelfs.
God zal niet rouwen over een uitgebannen erfelijke ziekte. Die heeft Hij per se niet nodig; voor ons bestwil, of om ons bij te snoeien voor meer vruchten.
Wij gaan pas jegens God de fout in, als we nanotechnologie, kunstmatige intelligentie, genenchirurgie uitoefenen puur ‘omdat het kan’. Want dat is geen geloofskader.

Daarom is het hard nodig dat er een moratorium op deze wetenschapsrichtingen komt. We zijn nog lang niet toe aan een gebruik van die zaken die we daar kunnen ontwikkelen. We moeten er pas iets mee willen, als we zeer beslist weten wat de weg van Het Goede Leven is.
In een moratorium moeten we ook  andere ermee samenhangende morele thema’s weer heroverwegen. Zoals: sterven, geboren worden. En alles wat daar tussen inzit.

En dan nemen we meteen tijd om ons geloof te herijken. Bv voor een beter hanteerbaar Beeld van God dat we hebben. (En dat we zijn). Te veel om nu uit te werken.
Maar het gaat niet aan om vanuit klassieke (misverstane) ideeën over Almacht van God (dus Hij gaat ook over ziekte) de geneeskunst van de mens aan te merken als zonde, verzet tegen God. Wij mensen zijn natuurlijk zelf veel meer het instrument dat God heeft om te genezen; of laten we eerst maar eens beginnen het leven en de kosmos niet te verzieken.

 

Advertenties