Het spreekkoor en de namen

Dat spreekkoor dat vanaf de tribunes in de Galgenwaard schalde. Daar viel zowat de halve wereld over. (De andere halve wereld voetbalde gewoon door, en keek een andere kant op, denk ik, of zat zich plaatsvervangend te schamen.) Maar de vrijheid van meningsuiting tierde meteen welig.

Je kon horen:
Het was ongepast. Het was beledigend voor Joden. Het was strafbaar.
Het was de verantwoordelijkheid van de club (ja, excuses); neen, van de KNVB. De schandalig grote belangen van het betaald voetbal. Amateurvoetbal was minstens zo pervers! De scheidsrechter had de wedstrijd stil moeten leggen. Je moest niet toegeven aan een klein groepje verziekelingen. Je moest medelijden met de spelers hebben, die niet konden staken.
Het was maar een geintje, het stelde niet zo veel voor. De jochies die dat nu doen zijn straks redelijke bestuurders van ons land. Het was wezenlijk onderdeel van de voetbalcultuur. Er zit niks tussen helemaal geen voetbal meer en dit.
Mooi toch dat we ons de luxe van deze opwinding kunnen veroorloven en ondertussen een kabinet laten weg komen met die onwerkbare regeling voor Bed, Bad en Brood voor uitgeprocedeerde asielzoekers.
Neen het zit gewoon in onze cultuur als zodanig: het kan ons allemaal niks meer schelen,- daar is het een symptoom van. Die onderliggende levenshouding moet je zien aan te pakken; elke andere maatregel zit er naast.

Lang heb ik de tekst die gebrald werd min of meer kunnen vermijden. Ik wilde die niet horen ook. Ik ga niet voor niks niet naar stadions. Ik ben er zo zat van. Ik zit in een hoekje van Facebook dat er gelukkig weinig aan deed. Ik wachtte me wel het aan te kaarten. Ik kon er immers gif op nemen dat het allemaal bij het zelfde zou blijven. En straks weer ophef om een andere tekst vanaf een andere tribune. Ik zal de tekst dan ook niet neerschrijven. Het was m.i.  verkeerde journalistiek dat sommige kranten dat wel deden.

Maar deze week kwam het dichterbij; ik hoefde er de deur niet voor uit.  Een klein groepje jongeren krijste de gewraakte tekst mijn rustige studeerkamer in. Het scabreuze ervan drong tot me door. Wat te doen als je niet aan de drank wilt? Eerlijk waar, ik spreek ze nog wel eens aan: “Dag, aanstormend talent van Nederland!” Kijken ze me vervreemd aan. Welke positieve benadering is er mogelijk?

Toen heb ik FCUtrecht en de KNVB maar eens een mail gestuurd. Ervan uitgaande dat die wel degelijk uit het goede hout gesneden zijn, en dit gedrag van hun leden (?) graag veranderd willen zien. Ik wilde graag weten in welke richting hun gedachten gaan. En met name vroeg ik me af of ze wel eens aan het volgende gedacht hadden.
Doe iets met het noemen van namen van Joden e.a. die in de ovens van vernietigingskampen verbrand zijn. (http://102000namenlezen.nl/) Je kunt bv aangehouden koristen die namen gedurende een half uur laten voorlezen. Al dan niet in een leeg stadion.
Of je laat die namen uit de luidsprekers klinken en de spreekkoren overstemmen.
Maak het los van die spreekkoren en maak voetbaltempels plekken waar met enige regelmaat die namen gezegd worden; voor de bewustwording, en natuurlijk met sobere inleiding. Bijvoorbeeld bij voetbalwedstrijden begin Mei of rond 6 Augustus toen er in Hiroshima zo veel mensen verbrandden.
Ik wil graag weten of zoiets al eens bedacht is. Zou het werken? Het is misschien erg ‘out of the box’ gedacht. De gemiddelde voetbal bobo zal wellicht zo niet kunnen denken. Laat staan de arme hooligan met zijn rare idee van ‘dat moet toch kunnen’.

Maar het voetbal is toch niet van hen! Nou dan.

Een reactie op Het spreekkoor en de namen

  1. Pingback: Spreekkoren, KNVB en Vrouwenvoetbal | Vrede is beweging

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s