Ja, ja … Mali. Een verwoestend rapport.

In 2013 schreef ik al over Mali . Ik vind niet dat ik het toen ook had moeten hebben over sneuvelende militairen. Dat is het risico van het vak. We spreken, mind you over: een vak; dat je kunt leren. Waarmee ik het niet bagatelliseer. Maar nu zijn ze gesneuveld. Twee man sterk en een verwonde collega, die het er nog net levend afbracht.

Ik constateer nu nog maar eens dat het zeker sneuvelen van vijanden en eigen soldaten politici er niet van weerhoudt te besluiten tot oorlogshandelingen. Dat is hun ‘eerlijk handwerk’. Zie de geërgerde reactie van Dijsselbloem op de journalist die hem voorhoudt dat de legerleiding aan had gegeven dat ze niet goed genoeg toegerust waren voor een dergelijke missie: “Ja, dat kan de legerleiding wel zeggen, maar zij hoeven er niet over te besluiten, dat is aan de politiek”. Zei hij ook niet, dat ‘de veiligheid van Nederland in het geding was’. Ik kom niet verder dan dat dat slaat op lid mogen blijven van de NAVO; of zit ik daar naast? Wanneer wordt dat een doorslaggevend argument?

Nu blijkt uit een rapport, dat er fouten gemaakt zijn, die (mede) aanleiding/oorzaak werden tot de dood van twee militairen en de verwonding van een derde. Dus niet door de vijand ben je omgekomen, maar door het falen van eigen mensen. Ook dat zou je ‘friendly fire’ kunnen noemen.
“Niet veilige ammunitie”, – daar wordt van gesproken. Dat is wel het pleonasme van het jaar. Omdat veilige ammunitie een contradictio is. Waar hebben we het eigenlijk over! Wel veilig voor de schutter, maar niet voor de beschotene –  alsjeblieft!

Vind ik daar wat van?

Als eerste vind ik het: Wrang? Bijzonder?  Sneu? Stuitend? Onverteerbaar? dat ze niet sneuvelden ‘in het echie’ maar bij een oefening. Je realiseert je dat nauwelijks, dat je er natuurlijk een opleiding voor nodig hebt om naasten om te brengen. Dat kun je niet zo maar.  Net als elk vak moet het geleerd worden. Vandaar dat er bij Jesaja zo indringend staat: “Ze zullen de oorlog niet meer leren”. Niemand doet het je voor hoe je dat zo ‘veilig’ mogelijk doet. Niemand zoekt voor je uit hoe je het meest efficiënt kunt moorden, en geeft dat aan je door. Niemand leert je ook dergelijke oorlogsdaden te rechtvaardigen. Is allemaal niet meer nodig. Was er een beetje christelijke partij die bij het debat over de missie hierover durfde praten; iemand met zo’n visie? Ik weet wel dat dat niet zo maar waar te maken is, maar politici met zo’n houding zou ik met meer vertrouwen beslissingen laten nemen, dan de huidige ‘belangenbehartigers’.Lees nog maar eens een Vredesgedicht. Van Huub Oosterhuis.

Een tweede punt: de fouten die er werden gemaakt. Niet te verteren stupide is natuurlijk dat je granaten koopt van Amerikanen, die ze zelf niet (willen) gebruiken en expliciet zeggen, dat ze ze niet op veiligheid getest hebben. Amerikanen gooien zo gezegd met alles als het maar vernietigend genoeg is! Dat weet je toch! En dan zijn de opslagmogelijkheden ook nog eens niet helemaal je dat!
Het rapport verduidelijkt: dan moet je wel heel graag mee willen doen aan deze missie als je zo veel op veiligheid bereid bent in te leveren. Dan heb je het al helemaal niet meer over de belangen van benarde Malinezen.

Een derde punt dringt zich aan me op; ik zocht er echt niet naar. Wanneer, waar, door wie mag de vraag gesteld worden hoeveel of welke vijanden ze wel gedood hebben? Die vraag zal niet gesteld zijn bij het overleg of we wel tot een missie zouden overgaan. Of toch wel: alle risico-scenario’s zullen wel zoveel mogelijk in cijfers omgezet zijn. En dan een berekening van een computer erop losgelaten. Dat is toch het barre ‘politieke handwerk’. Dat soort onmogelijke dilemma’s dringen we onze afgevaardigden op. Stemmen eens in de vier jaar heeft deze implicaties.  Ik ga steeds meer zeggen dat dat immoreel is. Dat mag je niet van een medemens vragen. Daarom moeten we inzetten op medemensen, die veel meer ‘bezeten’ zijn van de houding dat je oorlog niet meer mag leren. Niet op oefening; niet in het echie.

Een laatste punt; maar er is veel meer.
De ouders van de omgekomen militairen hoor je spreken van : dood door schuld. Gevoelsmatig: moord. Er worden juridische stappen overwogen. Ik kom niet aan hun goed recht; en al helemaal niet aan hun gevoelens. Alle respect. Al is het geen ideale manier om met de werkgever van je omgekomen kind in ‘gesprek’ te komen. De minister heeft de ouders uit zich zelf schijnbaar niets laten horen op dit verwoestende rapport. De journalisten hadden m.i. niet moeten vragen naar haar aftreden, maar naar wanneer praat u met deze ouders! (Commandant der strijdkrachten bezoekt de ouders met excuses en spijt; na publicatie dus, dat wel)
De tweede kamer moet niet met de bewindsvrouwe willen praten, voordat ze bij de ouders op bezoek is geweest.
Ik hoor een expert de kans van slagen van een rechtsgang niet erg hoog inschatten. Dat daar gelaten.
Zelfs als ze het winnen….. zijn er alleen maar verliezers.

 

Advertenties