Kersttoespraak op Suikerfeest

Of de vorst mijn kritische noties bij zijn eerste kersttoespraak ter harte genomen heeft, – het lijkt er wel op. De ‘stilstaande pendule op schoorsteenmantel’, waar ik op wees was weg! Het gerucht gaat dat vervanging van een hofdame op PR daarmee te maken heeft; maar dat heb je niet van mij. De koning zat ook niet meer in een zware fauteuil, het ene been soepel op het andere gelegd, bij een haardvuur in een kamer die net even duurder ingericht was dan bij de meesten van ons. Nu stond hij krachtig in de kamer het uitzicht op de tuin te ontnemen. Zo nu en dan naar de camera zoekend die hem de verste uithoeken van ons land in moest stralen.
Verder zult u wel gemerkt hebben, dat hij nergens sprak van ‘ik en de koningin’. Daarmee nam hij een forse positie in; zijn collega van België had op dat punt blijkbaar veel meer moeten inleveren, waarvoor hij door Geert Hoste zal worden bespot.
Er ligt nu een wetsvoorstel om ‘God uit de troonrede en de koningin uit de kersttoespraak te houden’ klaar.
Hij wist nog niet goed waar hij zijn handen moest laten. Destijds had je die weerman die we ‘Jan-met-de-handjes’ noemden.
Mijn wens voor volgend jaar is ook, dat hij dan geen das voor heeft. Hij hoeft zich zeker niet te schamen zijn vader wat na te doen.
Mijn advies om geen kersttoespraak te houden heeft hij niet opgevolgd. Ik vind nog steeds dat we nu wel klaar zijn met toegesproken worden; en dan op deze wijze waar feitelijk niks mis mee is. Maar het is het ook net weer helemaal niet.
Zijn moeder was de top; hij hoeft niet te denken dat hij dat kon overbieden. Niet door losjes bij de open haard te gaan zitten; niet met een glaasje port op een bijzettafeltje ernaast; niet door heel casual zijn lange sokken te laten zien. Zeker niet door de dingen die er echt toe doen onbesproken te laten.
Zijn moeder had ons ooit geschokt met de mededeling dat ‘armoede onrecht’ is. Ze wisten in Den Haag niet hoe hard ze moesten laten merken dat ze het niet gehoord hadden!
Mijn advies aan de koning was en is dat hij niet tot ons gaat spreken, maar met ons komt praten. Als ik dat van gisteren zo hoorde, waag ik de stelling dat wij hem meer te melden hebben dan hij ons.
Dat was buitenkant; klein bier kun je zeggen. Nu wat de majesteit te melden had.

Ik zeg het ronduit: de kersttoespraak van gisteren was netjes, maar heeft me niet ‘bij de strot gegrepen’. Te voorspelbaar. Te veel van het huismerk Rutte: geen visie. Als iemand mij toespreekt wil ik dat hij me bij de kladden grijpt en me de ‘weg van gerechtigheid en vrede’ opjaagt. Of zijn hartstocht toont; waar hij zich dag en nacht voor afbeult; en waar dat nodig voor is. En dat hij mij duidt waarom ik daar niet bij gemist kan worden. Hij kan wel inschatten dat ik te veel een consument ben, om hem te doen slagen in die opzet. Maar in die zin moet hij me niet ‘straffen met de koning die ik verdien’.

En dat doet hij feitelijk met de keuze van zijn onderwerpen; hij mag misschien wel niet anders; hem zij veel vergeven.
Het is wel tekenend voor de staat waarin we ons bevinden, dat hij wel ‘de vliegramp op 17 juli’ aangeeft als schaduw op dit kerstfeest, maar niet de 15% huishoudens die onder de armoedegrens zitten. Het eerste verkoopt; het tweede is vloeken in de kerk. Hij weet wel van de ‘Ontwikkelingen elders’ die ‘hun weerslag op ons leven hier’ hebben. En hij weet van ‘Omgekeerd hebben onze acties invloed op het leven van mensen ver weg.’ Maar laat dat dan vervolgens doodleuk staan. Hij mag natuurlijk geen analyse geven. Maar als dat niet kan, waarvoor krijgt de man dan zendtijd? Dat zeggen anderen het hele jaar door al.
Heeft dan niemand de brave man verteld dat wij zo nodig mee moesten ‘op het hoogste geweldsniveau’ om Irak geheel te verwoesten, en elders! Wij zijn o.a. daarginds bezig mensen dood te bombarderen; we houden daar grenzen dicht om ons quotum vluchtelingen maar zo klein mogelijk, en onze wapenhandel op peil te houden.
Wel dreigt hij iedereen dat men hier onze ‘vrije, open samenleving waarin ieder mens zichzelf mag zijn en op voet van gelijkwaardigheid mag meebouwen’ niet moeten komen versjteren. En we moeten ‘geen 17 miljoen selfies’ worden. Maar de gezonde jonge god straalt bepaald niet uit dat hij het daar erg moeilijk mee heeft.
Hij durft het Kerstverhaal aan te halen; hij weet dit keer van ‘Stille Nacht, Heilige nacht’ dat werd gezongen in de Britse en Duitse loopgraven in België en Noord-Frankrijk, in 1914. En heel even zwegen toen de geweren. Maar niks over onze ontreddering dat men die avond om twaalf uur op zijn horloge keek en de mensen waar ze die middag nog mee gevoetbald hadden, weer doodgemoedereerd dood gingen schieten. Dat is het echte wonder, waar we het over moeten hebben! Want het wonder van het Licht van Kerstmis schijnt nog steeds niet aan ons besteed te zijn.
Het verkoopt wel goed om bij Kerst te spreken van dagen van zorgen en verdriet, en dat we daar hoop voor moeten hebben uit de geboorte van Jezus. Zijn positie schijnt mee te moeten brengen dat hij geen dagen van berouw en bekering mag aankondigen. Grote verandering ‘die heel het volk ten deel zal vallen’.
Goed, hij heeft weer een heel jaar om over dit soort gedachten na te denken.

Ik heb nog wel een wens voor volgend jaar.
Deze vorst laat niet of nauwelijks merken dat wij hem bij de gratie Gods ook als koning aangesteld hebben over miljoenen moslims. Laat hij ook hen toespreken op hun feest, bijvoorbeeld het Suikerfeest. Of nog beter: laat hij gaan luisteren. Dan heeft hij wat mij betreft ook veel meer te zeggen.

 

 

Een reactie op Kersttoespraak op Suikerfeest

  1. Pingback: Na de kersttoespraak | Vrede is beweging

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s