Niet preken over Lucas 16:1-9

Waardevolle….,

Ik stelde voor dat we bij Lukas 16: 1- 8 een sterretje zetten: ‘NOP: Niet Over Preken’. Want zoals Lukas het neerzet weten we niet wat Jezus bedoelde. Houd dus op met alle inlegkunde die erop gepleegd is. Niet doen! Neen, ik ben niet eens brutaal genoeg om de indruk te wekken dat ik het WEL weet. Ik heb alleen maar bedenkingen; bezwaren zelfs. Geen verkondiging dus; geen preek van mij.

de moeilijkheid

Waar zit de moeilijkheid? Niet in het verhaaltje zelf. Dat is eenvoudig en wel aardig. Maar in de conclusie die JEZUS er aan verbindt in vers 9. ‘Maak u vrienden met de mammon der ongerechtigheid, opdat, wanneer die u verlaat, ze u zullen verwelkomen in de eeuwige tenten’. 

Het eerste stukje vonden we niet moeilijk: vrienden maken met de mammon der ongerechtigheid. Dat doen we vaak en graag. Dat hoefde Jezus (ons) niet eens te leren. En Jezus geeft ook niet aan op welk vlak de discipelen daarin achter blijven. Maar als Jezus het goed vindt, klinkt dat best interessant. “Het staat in de Bijbel”, zeggen we er heel parmantig bij”. Wat een gezag krijgt dat platte dief en diefjesmaat dan; onze expertise in slimme witteboordencriminaliteit krijgt er een aureool van. Jezus vindt het wel goed dat je hier of daar iets doet wat verboden is, kwaad, zonde. Op het gebied van rijkdom bijvoorbeeld; of van oorlog; of van waanzin die iedereen doet. In de pas blijven met je foute baas of foute politieke vrienden. Daar kun je beter van worden en het mag van Jezus. Het ligt in de buurt van: bepaalde doelen heiligen de (misdadige) middelen.
O.K. daar kun je het wel over hebben: je zult wel eens vuile handen moeten maken. Ik geef maar dat voorbeeld van de afwikkeling van het kerkasiel onlangs. Goed thema voor vredeszondag ook nog. Toen moesten de kerken wel goed vinden dat Nederland 250 van de minste asielzoekers zou laten stikken, om een wat uitgebreider kinderpardon eruit te kunnen slepen. Anders zouden onze modern heidense vrienden van partijen die ik niet bij name noem niet meewerken. Van je vrienden moet je het maar hebben, was mijn wrange bijgedachte, maar leek me wel op zijn plaats.
Ik denk echter dat wat Jezus als conclusie aan deze gelijkenis koppelt niet slaat op die uitleg en toepassing. Maar ik weet nog steeds niet wat Hij wel bedoelt.

Nog maar eens lezen in vers 9. ‘Maak u vrienden met de mammon der ongerechtigheid, opdat, wanneer die u verlaat, ze u zullen verwelkomen in de eeuwige tenten’. 

  • Ik weet niet wat die mammon der ongerechtigheid is. Gezien de context in vers 9. Ik kan er wel ‘de geldzucht van maken’ maar dat maakt niet duidelijk dat je daardoor opgenomen wordt in de eeuwige tenten..
  • ik weet ook niet wanneer de mammon der ongerechtigheid ons ontvalt en hoe dat werkt. Ontvalt die ons of moet je die er soms uitschoppen, zou ik ook willen vragen. Het zal toch wel iets van een boze macht moeten zijn.
  • ik weet niet wie die ‘ze’ zijn; De Here God? Die gaat er immers over, over die eeuwige tenten? Het zijn zeker niet de zojuist gemaakte vrienden; die gaan niet over de entree in die tenten.
  • Ik weet niet wat die eeuwige tenten precies zijn; is dat de hemel? Jezus gebruikt die term niet vaker, en het is ook geen gebruikelijk begrip geworden. 

Maar ik weet wel:

  • dat Jezus die verkwistende fraudeur niet prijst. Laat staan zijn fraude goedkeurt: dat laat hij de baas in het verhaaltje doen. Het wordt dus geen leefregel van Jezus.
  • dat de baas niet de Here God is. De gelijkenis gaat niet over eigenschappen etc. van God, maar over gewenst gedrag van ‘de zonen van het licht’ whoever they may be. Voor het gemak: de vrienden van Jezus.
  • dat ik ‘verkwisten’ niet op ga vatten als ‘uitdelen’. (Naastepad). 


We hebben hier dus te maken met een tekst die ‘NIET KLOPT’ op de rest van de Bijbel. Het klopt niet dat Jezus het voorstelt alsof je met slimme trucjes via foute vriendschappen het koninkrijk der hemelen (als dat al bedoeld is) binnen kunt komen. Want dat kan alleen door GENADE. Uit GELOOF. Je komt er niet door werken, laat staan door frauduleuze werken. De vrienden die je gemaakt hebt kunnen je niet in de eeuwige tenten opnemen, als daar de hemel mee bedoeld is. En als met die ‘u’ uit vers 9 WIJ bedoeld zijn. 

Wanneer ontvalt die mammon ons?

Jezus wil zijn vrienden, discipelen, de aankomende apostelen, iets leren. Het zou evt ook nog kunnen dat Lucas Theophilus wil onderrichten. En we zijn dan gewend dat naar ons zelf door te trekken.
Maar let er nu op, dat Jezus bij zijn aanbeveling ‘vrienden maken met de mammon der ongerechtigheid’ een bepaalde context aangeeft. Niet maar in het algemeen, maar ‘WANNEER DE MAMMON DER ONGERECHTIGHEID JE ONTVALT’. Wanneer is dat? In welke fase van je leven? Op welk vlak van onze werkelijkheid? Wanneer ontvalt die mammon ons? Is het iets dat je op het vlak van geld en verdienen en winsten en rijkdom moet zoeken? Is het een economisch begrip: slaat het op de bankencrisis of erger? Als het (militair-industrieel complex van het) kapitalisme definitief door zijn hoefjes zakt?
Maar je zou ook kunnen denken: ‘Bij onze dood’.
Ja natuurlijk. Dan laten we alles los; dan ontvalt ons alles, zo heet dat. Dan is alle regie van slimmigheidjes, onrechtmatig leven, het kwaad afgelopen. Dat valt ons uit handen. Maar dan blijf je toch niet bij de foute vrienden bij wie je je ingekocht hebt? Dat zijn toch niet de goede relaties, die als kruiwagen kunnen dienen om de eeuwige tenten binnen te mogen. Nogmaals: de entree is UIT GENADE. 

Wat Jezus ons aanbeveelt klinkt wel als VOORBEREIDING op dat moment dat Mammon ons ontvalt. Maar wanneer is dat dan?
Moeilijk. Onbegrijpelijk. Ik zag nog geen commentaar dat daar op in gaat. En ik las wel boeiende preken, maar die omzeilden dan in feite wat er dan toch maar staat in vers 9.

Wat doet die rentmeester feitelijk?

In eerste instantie heeft de man blijkbaar die vette baan weten te krijgen. En hij neemt het ervan: hij verkwist zelfs geld van zijn baas. Dat doet hij blijkbaar niet zo slim; niet zo slim dat zijn baas het niet merkt. Hij vliegt eruit. Voor het verhaal verzet hij zich niet eens tegen de beschuldiging.
Maar hij doet iets wat op zich wel handig is. Hij verlaagt de pacht van een aantal pachters van zijn baas. Het lijkt me humor en slechts ‘aankleding’ van het verhaaltje dat die schuldenaars ZELF het nieuwe bedrag moeten invullen. Denk je nu echt dat die schrijven konden?
In de hoop daarmee ‘vrienden voor het leven’ gemaakt te hebben. Hoe je je dat concreet moet voorstellen doet er nu niet toe. Of het moreel door de beugel kan doet er ook niet toe. Het gaat erom dat het slim bedacht is. Of gewoon verstandig. Die baas vindt het zelfs knap, en kan dat wel waarderen.

Met overleg handelen; verstandig. Dat wil Jezus ook bij zijn vrienden aanmoedigen. 

Ik vraag me af waarom? Dat is toch zo algemeen. Welk belang heeft Hij daarbij? Is het een bijdrage aan de opbouw van het koninkrijk der hemelen waar Jezus voor in de race is? Ik zie geen aanwijzingen. Ik zie ook geen punt waar de kinderen van het licht achter lopen bij die (handige) ‘kinderen van de wereldtijd’.
Nu zegt men wel, dat de organisatie van de kerk beter moet: geen enkel bedrijf kan blijven bestaan als het gerund wordt zoals de kerk, zei men altijd. Het sparen van kool en geit; niet durven doorpakken bij gebouwen die al lang verkocht hadden moeten zijn. Het slechte vergaderen/communiceren. Discriminatie van vrouwen die al lang weg gewerkt had moeten zijn.  Onbestaanbare dogma’s en celibaat. Misbruik van vertrouwen in de doofpot. Daar is de aansporing: ‘gebruik je gezonde verstand nou eens beter’ beslist wel op zijn plaats. Maar ik aarzel toch of Jezus aan dat soort zaken denkt, hier. 

Sarcastisch

Zou ik je kunnen winnen voor de idee dat Jezus hier een sarcastische opmerking maakt? Ik heb er even aan gedacht, maar kon mezelf daar niet van overtuigen. 

Dat alles is voor mij tenminste voldoende om er niet over te preken.
Dat is dan een voorrecht van de reservebank: ik hoef ook niet. Ik wens alle collega’s veel sterkte om toch iets zinvols op Vredeszondag te verkondigen.