In het huis van de Psalmen: 139

Talloze mensen zongen in alle eeuwen op de adem der psalmen hun geloof in- en uit… en schreeuwden en vloekten en zwegen. Het huis der psalmen, zoals we dat wel noemen herbergt een wereld aan gevoelens en dromen en ervaringen. Soms lopen ze schitterend gelijk op met ons eigen levensritme; dan weer rammen ze ons midscheeps.

Wie weet onder welke omstandigheden Psalm 139 is gelezen. Want het is een populaire psalm. Minstens om het onovertroffen middenstuk 13 tot 16,

U was het die mijn nieren vormde,
die mij weefde in de buik van mijn moeder.
Ik loof U voor het ontzaglijke wonder van mijn bestaan.
wonderbaarlijk is wat U gemaakt hebt.

Ik weet het , tot in het diepst van mijn ziel.
Toen ik in het verborgene gemaakt werd,
kunstig geweven in de schoot van de aarde
was mijn wezen voor U geen geheim.

Uw ogen zagen mijn vormeloos begin,
alles werd in uw boekrol opgetekend,
aan de dagen van mijn bestaan ontbrak er niet één.

Dichters als Kopland en Korteweg vallen over een ander gedeelte van de psalm. Waar die het beeld oproept van een “God die alles ziet wat ik doe – en daar klopt toch een heleboel niet van.…. het alziend oog van God. Wat blijft er over van mijn privacy?” De huidige informatie samenleving maakt het helemaal benauwend. Alles moet maar transparant zijn; alles is afluisterbaar. Maar we vinden dat vooral ook NIJPEND. Dan kun je eigenlijk geen kant meer op. Als dat ook zo is met God?!  God komt je te na; dat is tegen het moderne zere been!
Maar bij God kan dat geen kwaad. Dat zien Kopland en Korteweg niet. God weet daar mee om te gaan. Hij pakt je er niet op.. Waarom ZOU ik dan… vlieden. Zo’n God kun je vragen of je van heilloze wegen op de eeuwige weg gezet mag worden. Hij neemt je niet te grazen. En ga jij maar op die “eeuwige weg” je moderne verantwoordelijkheid uitleven, zou ik zeggen!!

KENNEN vooral “BEGREPEN” zijn door God is de hoofdmoot. Niet kennis=macht, maar kennis=liefde. Wederzijds ook. Want die dichtende mens houdt toch ook wel heel erg van deze God, zou ik zo zeggen!! Het is taal van een minnaar/ minnares; het is geen “voor waar aan te nemen” leerstellige, geïnspireerde informatie omtrent God.” Abraham Joshua Heschel analyseert met dit begrip ‘kennen’ de profeet Hosea op een zeer verhelderende wijze, overigens.

Velen storen zich vooral aan vs 19-22. Die laten ze liever weg. Je vijanden haten mag immers niet. Ik noem 3 reactiemomenten. Nadat ik dus Heschel al aanbevolen heb.

  1. Ze gingen in het OT wat ruwer met elkaar om dan wij. Dat hoeven we niet over te nemen. Ze hadden zeker geen last van slap humanisme, of lieverigheid. Bijbelse figuren die hun vijanden doodden dachten dat zij daarmee God dienden. Middeleeuwse christen vorsten dachten trouwens ook dat God hun politieke vijanden tot ZIJN vijanden moest rekenen. En dan hielpen zij op hun beurt God wel even om die om zeep te brengen. Dat was (of is) de taal van het kolonialisme; het baasskap. Dat kan van geen kant, natuurlijk. Dat is het heidense van “GOTT MIT UNS” op de koppels van de Duitse soldaten. Daarom vind ik het link dat onze euro daar naar verwijst!
  2. Maar de dichter van psalm 139 heeft wel een punt: Hij heeft het over GODS vijanden. Zou ik geen hekel hebben aan de mensen, die Uw onuitputtelijke Liefde ontkennen?! Een liefhebber van God zou toch mogen geloven dat God een verklaard tegenstander is van de zonde;- mag je God daarin dan niet bijvallen; of trek je dan een te grote broek aan! Komt Sytze de Vries al niet een heel eind in die richting?! “Doet het mij geen pijn, wanneer ze zich tegen jou verzetten”  Dat lijkt me wel eerlijker dan het er maar uit te halen. Maar ik laat het bv op een begrafenis ook niet zo maar zingen. Dat is de plaats niet om dat door te praten.
  3. Dr. Kees Waaijman denkt dat deze felle woorden thuishoren bij een GODSGERICHT. Daarin vervloekt de dichter niet anderen, maar zich zelf. Vijanden hebben de dichter aangeklaagd. En hij bezweert zijn onschuld. “God, U kent me toch!!!” Van hier tot gunder. Ik KAN U niet ontlopen. En ik WIL het ook niet, want U kent me; breng mijn onschuld aan het licht: laat me vrijuit gaan. U had toch plannen met mij; vanaf mijn geboorte zag U mij zitten! Er is dan ook geen enkele reden om U te ontlopen naar het einde der aarde. Ik wil maar al te graag door U gevonden worden. Want ik ken U als de God die mij liefheeft. KEN mij dan! PEIL mij. Doorgrond mij maar.
    Als ik zelf een vijand van God ben….. Ik zweer dat ik dat met U eens ben: zo’n vijand van U zit verkeerd. Natuurlijk wil ik zo’n vijand niet zijn!! Ik verklaar me dan ook onschuldig onder het zware geschut van deze vervloeking.

Wel, wat vind je daarvan? Het sterke punt van deze laatste visie is, dat het dan geen schoonheidsfoutje geen wanklank in deze schitterend psalm is; dat je goed moet praten of uitgummen.

Nog iets van het slot. Daar moet onze berijming vanwege de melodie zingen “en leid mij op de weg ten leven”. ERNAAR toe. Aan het eind ervan bereik je HET LEVEN. We vullen dat in met hemel; na onze dood. Voor mij is wat er in de onberijmde tekst van Hebr en NBG staat net even meer.

En leid mij op de EEUWIGE WEG.

Een weg ‘die het houdt’. DAT IS AL LEVEN door hem te gaan. Het brengt me Jezus in gedachten WEG, LEVEN.

Het is best een kunst om deze psalm lief te krijgen. Eerst is dat onwennig. Je voelt je als in een vreemd huis. Te grote woorden; te wijdse beelden. Te sterke beweringen, waar je niet zo maar aan toe bent. Pas langzamerhand voegt het zich naar je eigen geloof en gevoelens. En terecht ook met je eigen kanttekeningen. En dan niet te schraal, alleen maar eruit pikken, wat je lekker ligt. Net zo lang lezen tot het veilig voelt. Al houden psalmen altijd de toon van “mag het ook ietsje meer zijn?!”

Oefenen in het huis van de Psalmen. Alleen of met anderen. Ook doorpraten. Zingen. De vertrouwde melodie is m.i. buitengewoon warm en boeiend. Dat helpt al een flink stuk.
En ik vergeef Schulte Nordholt graag dat hij de psalm in zijn bewerking veel korter maakte,- want hij komt met dat geweldig mooie slot

“en daarom is mijn dood
een thuiskomst in uw armen,
zo groot is uw erbarmen,
zo alomvattend groot.”

Advertenties

Een reactie op In het huis van de Psalmen: 139

  1. Pingback: Aanbouw in het ‘huis der Psalmen’. | Vrede is beweging

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s