In het huis van de Psalmen: 17. De onschuld van de rechtvaardige

Psalm 17

Je wordt niet op slag verliefd op deze psalm. Eerder weerstand.
Al vind ik de bijbehorende melodie wel buitengewoon teer;geengageerd en toch mystiek.

Als kind snapte ik van deze psalm weinig,alleen die appel van het oog kwam (vs 8) mooi door. En ook is me het slot altijd bijgebleven als iets moois dat veel te groot voor me was.

“Blij vooruitzicht dat mij streelt.. verzadigd met Uw godd’lijk beeld.”

Daar kan ik royaal vier keer rechtop in omdraaien.
Dat heeft zelfs de nieuwe berijming van Ad den Besten overleefd. En “Ik zal ontwaakt -’s morgens op een willekeurige Papendrechtse dag; dan wel “ik zal ontwaakt – op de jongste morgen van buiten elk millennium; dan wel “ik zal ontwaakt uit de nacht van twijfel en aanvechting; op Opstandingsmorgen, op Pasen, – Uw lof ontvouwen.”
Dat opstaan is een goede reden om niet te blijven liggen.
Dat slaat op veel meer, dan ik kan opschrijven.

Nu over die irritante praat over de onberispelijkheid van de dichter.
En dat roepen om wraak waar de kleinkinderen hun portie nog van moeten hebben,- dat doe je niet!!.
Maar HIJ is braaf; hij doet het zo zuiver. Er valt niks op hem aan te merken. Nou, dat zeg je niet van je zelf. Wij komen doorgaans niet verder dan in Psalm 139:

“Doorgrond me God;ik kan niet om Uw kritiek heen, wijs me er maar op als ik de verkeerde kant op ga; heilloze wegen, die ik zelf nog niet in de gaten heb, corrigeer me maar als ik dat nodig heb.”

Mooi intens; goed in het pak van de nederigheid.
Het T-shirt met: “Nobody is perfect” fier op de brede jankborst. Net als die man aan het bruiloftsmaal die het lef niet had dat-ie een feestkleed aantrok dat daar klaar voor hem lag!

Toch is die betuiging van eigen onschuld in de psalmen niet die van een arrogante knaap!!
De Bijbel heeft het p.d. niet erg op eigengereide vromen! Dat moet je er dus ook niet van willen maken. Wat is er dan WEL aan de hand?

Er zijn TWEE situaties waarin men TERECHT zo hoog van eigen oprechtheid opgeeft.

  • als je voor de rechtbank staat
  • en als je puur bang bent

In Psalm 17 is het een combinatie. Hier schreeuwt een DOODSBANG mens. En mag-ie AUB!!
Als je geen kant meer op kunt tegen je vijanden; als je niks kunt bewijzen; dan kun je alleen nog maar heel emotioneel uitschreeuwen: “Ik ben onschuldig; ik heb NIKS gedaan!” Je kunt denken aan Job die ook zo praat. Job op zijn mestvaalt. Volledig afgebroken. Hij betuigt bij Hoog en bij laag dat de omgang met God hem altijd een must is geweest… en nu dit!! Hij KAN het zijn vrienden maar niet bewijzen!! Hij wordt radeloos van de gesprekken OVER GOD. Totdat hij uiteindelijk MET God mag spreken.

“Slechts van horen zeggen had ik van U vernomen; maar nu heeft mijn oog U aanschouwd.”

Om dat moment schreeuwt hij, achter adem.
Om ontwaakt uit zijn ellende God te zien.

We moeten niet als de vrienden bij Job, deze psalmist op zijn ietwat aangedikte woorden pakken, maar mee voelen hoe onbestaanbaar het is dat hij zich nu ZO uitgewoond ervaart.
Zielsgraag zou hij weer willen beleven dat God hem rechtvaardigt; zich weer laat kennen als vriend. “God, laat zien dat U wat met me te maken wilt hebben!”. DAT is het gelijk, waar hij om schreeuwt.
Maar daar heeft hij zelf niks meer van in handen; hij heeft geen enkel succesje waarmee hij kan bewijzen dat ‘god met hem’ is; hij kan niets bewijzen tegen zijn vijanden.
Maar toch heeft zo iemand in de Bijbel recht van spreken. En dat is toch grandioos: als je zelf nergens meer bent mag je toch je mond open doen! Dat is dus iets heel anders dan een grote bek hebben. Of EIGEN roem die stinkt. Dat is helemaal lege handen.
Laten we niet vergeten, dat de man wilde doen wat God vraagt: leven dat het een aard heeft.
DAT SPOOR heeft deze man dus van harte willen houden,- en nu dit!!
Nu beschuldigen zijn vijanden hem van van alles!!
Zou je deze man om deze diepe emotie niet diep en diep moeten ‘liken’ ?! Deze psalm verlost van de kruiperigheid waarmee christenen denken God een dienst te bewijzen! Zeg het maar ronduit dat je graag op Gods manier van de aarde bewonen in gaat.

Toch is er misschien nog iets anders waarom je je zelf niet zo gauw in deze psalm denkt terug te vinden. Misschien weet ik nog niet zo net of ik in doodsgevaar mijn ideeën over wraak wel bij God wil inleveren. Misschien heb ik het daarvoor ook niet beroerd genoeg gehad. Dat kan zijn. Maar het perspectief, de droom, zeg maar, van de psalm als geheel is toch geweldig!!.

Het gevoel dat het bestaan op onze dagelijkse aarde onhanteerbaar wordt, is levensgroot. Je kunt het niet meer regisseren. De wereld waarin je wist waar je aan toe was ontglipt je. De kerk; de regering; de democratie:  alles blubbert van de onzekerheden.
En daarbij komt nog eens dat gevoel: God is ook niet meer wat Zij geweest is.
Tegen die vijanden heb je het ook steeds moeilijker. Dan heb je niks meer in handen om te bewijzen dat God jouw God is, die bestaat. (Ik ben jaloers op Gerrit Manenschijn, die als titel voor een boek bedacht: “God is zo groot dat Hij niet hoeft te bestaan”. )
Als er een nacht van bestaan is, waar geen morgen meer op aansluit… Dan kun je alleen nog belijden dat God jou kind blijft noemen. Dat je niet gek bent.
Alleen vanuit die nacht krijgt God nog weer gezicht in onze eeuw. Die mij verkwikt met brood en met wijn..

Er is een stippellijntje dat Jezus met deze psalmist verbindt. Het is het lijntje van: “Even weerloos als wij mensen.” Jezus kan op een gegeven moment NIET meer duidelijk maken dat Hij het goed doet; ze maken een misdadiger van hem. U weet het wel.
Maar het was ook diezelfde Jezus, die heel eenvoudig de “reinen van hart” ZALIG prees. Dat argeloze groepje waar de wereld geen kant mee uit kan. Die de nacht toch uithielden tot de morgen met God. Die “neen” zeiden waar de anderen min of meer vrolijk ontspoorden.
Zij “zagen” het anders zogezegd!!
In extreme gevallen werden ze zelfs vermoord omdat ze het spel niet meespeelden.
Leven, paradijs, geluk was alleen in het spoor van Jezus; en niet als dief en diefjesmaat met de bruinhemden; de gladakkers, de spraakmakers, de grootbekken, de laarzen. Maar die ‘reinen van hart’ zullen dan ook, zegt de Heer van de zaligsprekingen “God zien”.

“Laat mij, recht gedaan, uw gelaat aanschouwen,
bij het ontwaken mij verzadigen aan uw beeld.”

zo noemt de psalmist dat. In de nacht van crisis is God meer dan de nacht. Dan laat God zich weer vinden; om NOOIT MEER GENOEG VAN TE KRIJGEN!!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s