God als moordenaar…?

Een paar vragen bij een kerkdienst.
De dominee leest Numeri 11. Het lijkt me een vrije keuze; ik zie geen rooster dat het hem opdringt.
Goed, dit stuk Numeri, want hij wil straks lezen van dat ‘jochie’ met zijn broden en visjes. Johannes 6.
Mozes is in Numeri even ontdaan als Filippus in Johannes 6: er moet eten/vlees komen voor een menigte mensen! Ze zijn volstrekt overvraagd.

Nu wordt deze morgen Numeri gelezen uit de Naardense Bijbel. Dan lees je nog eens wat anders! Prima.  De Johanneslezing is volgens de huisregels weer ‘gewoon’ NBV.

Maar Numeri 11: 15 hakt er wel in, zeg. Ik weet wel dat de gelovigen in het Eerste Testament ruige dingen tegen God zeggen kunnen, als ze bij God op de deur beuken. Lees je Psalmen. Allerlei beschuldigingen aan het adres van God. Die vinden wij nogal ongepast.
Ik weet van Jeremia die heel ver gaat in de vervloeking van zijn geboortedag. Elia wil ook liever sterven, diep teleurgesteld, afgebrand als hij is.
En  de voorgangers verzekeren ons dat dat best mag; wen er maar aan. Vanuit de hoge nood. Mag je dan misschien ongenuanceerde dingen zeggen? Moesten wij ook meer doen!
Maar God : moordenaar?! Want voor die vertaling kiest Oussoren in zijn Naardense Bijbel.
Ik denk terug aan een tijd geleden. Oorlog in Vietnam is nog aan de gang. O.a. mijn broer Kees en ik steunen een actie om “Johnson moordenaar” te mogen noemen. In 1967 oordeelde de Hoge Raad dat dat niet mocht, want: bevriend staatshoofd. Maar prof. Delfgauw oordeelde dat je wel van oorlogsmisdaden mocht spreken, gemeten aan de wetten van Neurenberg. Het zit me nog steeds dwars dat J. en zijn opvolgers / ‘partners in crime’ daarmee weg komen. Maar goed.

Oussoren heeft me erbij uitgelegd: als het Hebreeuws iets heel veel nadruk wil geven zet het een werkwoord neer en om het te versterken wordt er nog eens de infinitief van hetzelfde werkwoord bij gezet. “Wurg mij, wurgen!”.
Zo wordt het niet een schelden op God, maar onderstreept het het doodsverlangen van Mozes. Hij is wel heel erg aan het eind van zijn Latijn.

Advertenties