Kerst ‘van de beginne’ (2)

In  Johannes 1:2 en 3 staat nogal wat! Maar wat? Het klinkt grotendeels als herhaling, herneming van vers 1. Volgens de Naardense Bijbel staat er:

“het is geweest bij begin
God nabij;
alle dingen zijn daardoor geworden
en buiten dat om
is niet één ding geworden
dat geworden is.”

Dat is geen vertalen meer; dat is nauwelijks iets zeggen.
Alsof Pieter Oussoren, de vertaler, wil zeggen: “Ik weet ook niet wat er staat, maar dit staat er.  Wat hoor jij?”
Als het geheimtaal is, heldert hij het niet voor ons op. Zo veel is wel duidelijk. Het is de bedoeling dat we zelf het geheim horen, denk ik dan maar. De keurige Nederlandse zin die we zouden willen horen zou moeten luiden: “Het (spreken van God) was in het begin bij God”. Maar Oussoren beweert in feite: “Als dat er staat zou ik het zo wel vertaald hebben. Er is blijkbaar een geheim; ga er zelf maar op in.”

Het is dus geen kwestie van gebrekkig Grieks waar de auteur van het Johannesevangelie wel van wordt verdacht. Waar moderne vertalers dan alsnog keurig Nederlands van maken. “Het was in het begin bij God”. (NBV) Maar waarom zou dat zinnetje mij nou wat doen, als ik ook daar geen geheim meer hoor.

Het heeft veel van stamelen.
Niet vergeten dat we nog steeds ‘bij begin’ zijn. Alsof ook de woorden nog niet af zijn. Ook niet vergeten dat het nog zo heel erg ‘bij begin’ was,  dat zelfs de natuurwetten volgens welke de oerknal zou gaan verlopen nog niet eens af konden zijn. Verbijsterd blijf ik achter.

Dat moet me dan wel het begin geweest zijn!!
Dat moet dan wel spreken geweest zijn!!
Dat spreken vraagt dan wel om horen.
Aan het spreken heeft het niet gelegen; dat was er. Geladen, zo is gebleken, met scheppingskracht.

Wij hebben van dat spreken de Oerknal gemaakt. Dat hebben wij er van gemaakt. Omdat we het anders niet snappen. Door oerknal te denken past het zo’n beetje in ons brein. Wat heet: de zwarte gaten zijn ook al niet meer wat het geweest is!
En ook: over wat voor brein hebben we het helemaal, homo sapiens! Als je naast die oerknal niets meer meent te kunnen horen. Ben je door die zelfbedachte oerknal zo verdoofd dat je het geheim niet meer hoort? Of toch nog wel?

Als een begin spreken Gods geweest is kunnen alle dingen ontstaan. Dat soort spreken dus. Dat woord van God.
Daar slaat het leven op, waar we zo de mond vol van kunnen hebben. Waar we de handen zo vol aan kunnen hebben ook. En waar we ons op alle mogelijke manieren aan vergrepen hebben ook.
Dat woord, dat spreken, dat licht wordt weer ingebracht in de zoveelste Kerstnacht.

Just for the record.
Er zijn allerlei (boeiende) varianten op de eerste woorden van Johannes gemunt in de loop der tijd; toen ze blijkbaar eens lang nagedacht hadden over dat begin, en er niet meer zo mee uit de voeten konden.
Ik noem alleen : “Im Anfang war der Tat”, uit Goethes Faust.
En Nietsche : “In het begin was de onzin”
Hannah Arendt : “In den beginne was een misdaad” .

Advertenties