Zondag na Kerst, Simeon en Anna

WAARDEVOLLE…,

Een beetje kerkganger weet dat het zondags na kerst, als Simeon en Anna langs komen in de kerk meestal over drie thema’s gaat.

Ten eerste hoor je vaak dat het nog maar de vraag is of Simeon zo’n ouwe man met grote witte baard is, zoals hij vaak op schilderijen wordt neergezet. En in de kinderbijbel. Met van die brekende ogen alsof hij op zijn laatste nieuwe heupen loopt. Hij is al los van de aarde, halverwege de hemel, met zijn verheerlijkte blik. Maar er staat nergens hoe oud hij was. En de Geest had hem helemaal niet beloofd dat hij direct na het zien van de Messias zou mogen sterven. Dat maken wij ervan. Maar dat zou wel sneu zijn : dan heb je gezien waar alles en iedereen naar uitzag, dan heb je daar jaren op gewacht en dan sterven?! Of ook:  dan wil jij het liefst afhaken? Is toch een rare instelling?!

Neen, als hij zegt: “Nu laat Gij Here, uw dienstknecht gaan in vrede” dan kun je dat net zo goed , m.i. zelfs beter opvatten als: “Laat mij nu maar op het leven los; ik heb gezien wat ik moest zien. Nu kan ik pas echt volop leven!! Ik weet wat heil is!! En ik ga er iedereen van vertellen!! Nu weet ik pas goed waar ik het over moet hebben; nu heb ik dan toch wat te melden, helemaal geweldig!”. Allemaal uitroeptekens. Zo’n lied. Dat hoeft helemaal geen inlegkunde van een slimme dominee te zijn. Dan is het geen stervenslied, maar een levenslied. En geen smartlap maar een felicitatie aan zijn omgeving.

Ik wens U dan ook in die stijl nog vele gelukkige jaren. Want zo zou het voor U immers ook moeten zijn: als je het Heil, zeg maar het Kind gezien hebt, dan moet je ook  volgen. Het jaar 2013 dat U wilt gaan maken, moet dan een Jaar onzes Heren worden; een jaar van dit kind! Je kan niet even vrijblijvend een kerstdienstje pikken; en dan verder niks. Neen, het kind op de arm en dan vol vrede op het leven af! Op de tekening die Rien Poortvliet van Simeon en Anna maakt, zie je wel een oude man en oude vrouw, maar de schilder schrijft erbij: ZE WORDEN ER JONG VAN!

Bij de tekst over Simeon hoort vaak ook nog een andere discussie. Namelijk over de vraag  wie Simeon wel bedoelt met die KNECHT. Bedoelt hij wel zich zelf, zoals het meestal wordt uitgelegd?  

Ik ben zo vrij te denken dat dat niet het geval is. Waarom moet Simeon het zo nodig over ZICHZELF gaan hebben, als hij het Kind van Maria ziet?! Dat is toch onlogisch? JEZUS werd toch in de tempel voorgesteld; niet Simeon. Het ligt volgens mij veel meer voor de hand, dat hij met ‘die knecht’ Jezus, de Messias bedoelt. De Knecht met een Hoofdletter, De MESSIAS moet aan zijn taak gaan beginnen!! Bij Jesaja is er ook sprake van een Knecht des Heren, misschien denkt Lukas daar ook wel een beetje aan. Laat DIE Knecht maar lopen! DE Knecht die God om een boodschap zou sturen; de boodschap van vrede en recht. Daar heeft Simeon de mond van vol. Daar word je immers jong van! Dat is pas de echte gelukwens voor de wereld. Echt geluk, echte vrede. Daar kun je mee thuis komen.

En van dat leven en werk van die Messias zegt hij terecht tegen Maria: als dat Kind opgroeit gaat het zeer doen. “Dit kleine messiasje, daar lopen mensen op stuk. Maar er gaan ook mensen van opstaan. In elk geval: je kunt niet om Hem heen. Er zijn ook mensen die weer het Goede Leven met Hoofdletters kunnen oppakken”.

En Simeon zelf is de eerste die NIET op dit Kind van God stukloopt. Maar dan zit er in de ontmoeting met de geboren koning der Joden een diepe ernst. Dat is wel helemaal weg als je de TV aanzet, dezer dagen. Dat is vooral komedie en ongein. De rimram. Alles moet leuk blijven. Het is zo aaibaar. Ik vind dat het moeilijkste voor ons predikanten. Je wilt het op Kerstmis blij houden; maar als je dat ernstige thema van Simeon over opstaan en stuklopen op het Kind ter sprake brengt, dan zit er bijna niemand meer in de kerk! Ik heb het gevoel dat bijvoorbeeld de kerk en de Vredesbeweging moeite hebben om wat diepgang over het voetlicht te krijgen. Ik denk dat onze zorg vandaag is, dat we dat niet meer stevig genoeg kunnen neerzetten. Mensen zien Jezus en God helemaal niet staan; ze kunnen geheel vrijblijvend om Hem heen. Hij is niet eens waard om over na te denken. Zo wordt het voorgesteld. Mensen in de westerse samenleving botsen vrijwel niet meer op Hem. Dat is best zorgelijk. Er bestaat een ultieme vrijblijvendheid, dunkt me. Daar hoort ook dat gedoe van uw modern heidense vrienden bij om godsdienst vooral achter de voordeur terug te dringen. Dan jeukt het niet meer; dan prikkelt het niet meer; dan is het geen horzel meer in en om de kerk.

Bij de traditionele evangeliegedeelten op Zondag na Kerstmis hoort ook Anna of Hanna. En dan bespreekt de predikant meestal wel met je dat ze zo’n weinig uitgewerkte figuur is. We weten alleen maar nietszeggende dingen van haar. Zelf zegt ze niks. En niemand kan vertellen waarom wij moeten weten hoe lang ze getrouwd is en dat ze nu al 84 jaar weduwe was. Ze is er alleen maar. Alleen maar blij dat ze dit meemaakt. Diepzinniger wou ik het maar niet maken. Ik wil er maar geen zielig weduwvrouwtje van tegen de 100 van maken en daar van alles bij verzinnen. Want daar schiet U niks mee op. Ze vertelt aan de mensen een en ander over het kind, maar we horen niet precies wat. Jammer, nu kunnen we dat niet Retweeten of delen op Facebook.

Ik ga dus niet verder peuteren aan deze vast wel aardige Simeon en Anna. We snappen natuurlijk best dat je van hen leest op de zondag na Kerst. Want het zijn de eerste stukjes van dat verhaal dat nu zondag na zondag verteld gaat worden over mensen die wat hebben, wat te maken gaan krijgen met de geboren Koning der Joden. Het evangelie is eigenlijk niet het verhaal van Jezus, maar meer van de REACTIES OP Jezus. Van dat volgen en op Hem stuk lopen.

Dat is een verhaal met heel veel impact en haken en ogen. Daarom moet er zo veel over uitgelegd worden. Elke zondag weer een stukje. Hier bij Lukas zijn het Simeon en Anna. Bij Mattheus zijn het Herodes en de wijzen, die wat met het Kind hebben; en de moeders van de vermoorde kinderen! Het Johannes evangelie heeft geen echte geboorteverhalen. Johannes laat meteen allerlei mensen discussiëren over de Mensenzoon. Hij is het gesprek van de dag, als je dat zo leest. Voor en tegen. Ook bij Markus is dat de opzet. Dus wees er trouw elke zondag bij dan hoort U er steeds meer van.

Voor dit moment ga ik met U door op dat visioen van Jesaja, dat we lazen. De kerk zet dat dus ook op het rooster als dat Kind van Kerst onder de mensen gaat komen. De kerk wil met deze profetie die entree in de mensenwereld een bepaalde kleur meegeven. En wel de kleur van de hele grote wereld. In dat visioen komen namelijk ‘de volken’ weer in het vizier. Daar moet je het daags na Kerst vooral over hebben. Oei, dat wordt vast ook politiek op de kansel.

Ik vat dat op als een soort correctie op Kerst; om ons scherp te houden of te krijgen. Kerstfeest kan wel heel erg huisje, beestje, boompje worden; familiefeest in de kleine kring. Gericht op je persoonlijke vroomheid. Daar is ook veel kritiek op, dat het zo kneuterig is geworden. Pubers zeggen luid en duidelijk dat ze daar van over hun nek gaan. En dat soort fraais. Neem ze maar niet kwalijk, dat ze niet of nauwelijks zinvolle alternatieven hebben. De Koningin noemde ooit ook al eens het doorgeschoten individualisme.

Ik wil dus graag met U wat bijbelstudie doen op de Jesajatekst.  Want wat Simeon over knecht zegt, kon hier wel eens vandaan komen. Het heeft op die eerste gewone zondag na de grote feestdagen wel wat van een stevige gezonde bruine boterham na de feestelijk gestoofde peertjes met doperwtjes van Kerst.

RuitMondderprofetie

Gij zijt de mond der profetie

Hoe lees je Jesaja , Simeon en Anna dan bij elkaar? Het zijn alle drie ZIENERS. Ze zitten op dezelfde lijn; ze kijken dezelfde kant op, nl. van het Koninkrijk van God. Ze hebben het licht gezien op een of andere manier. En wij doen ons best om ons hun KIJK OP LEVEN eigen te maken.

Vanmorgen geen visioen van hoe ERG het allemaal wel is. Jesaja komt nu eens met: “Ik verblijd mij zeer in de Here, mijn ziel juicht in mijn God”. En je denkt: waar ken ik dat van?? Ja, inderdaad, zo klinkt de lofzang van Maria!! We zitten vanmorgen nog volop in de sfeer van KERSTFEEST. Maria, Elizabeth, Zacharias, Simeon, Anna ze hebben de mond vol van een POSITIEVE levensvisie. Zij zien er wel gat in; ze hebben heil gezien.

Jesaja drukt zijn vreugde uit met een vergelijking uit de kledingbranche. “Hij deed mij het kleed van de bevrijding aan, hulde mij in de mantel van de gerechtigheid”. Vervolgens verschuift het beeld dan nog weer een beetje naar een bruiloft. Naar de feestelijk uitgedoste bruidegom; en dan nog een keer:  naar de tempel waar hij zichzelf ook ziet als “een priester die zich het hoofdsieraad ombindt”, en “zoals een bruid zich tooit met haar sieraden”. En de bruid is natuurlijk van zichzelf al bloedmooi. Die beelden verstaat U toch zelf wel. Dat hoef ik U niet uit te leggen. En het aardige van die profetie van Jesaja is verder nog, dat er staat dat GOD die kleren voor hem klaar heeft gelegd. Hij heeft ze hem aangetrokken. Het zijn krijgertjes.

Ik vertel U er nog bij dat we met een woordspel te maken hebben in het Hebreeuws. Het woord voor heil, bevrijding, redding zit nl ook in de namen Jesaja en Jezus. Mattheus vertelt van de naamgeving van Jezus immers dat Hij die naam moet hebben “omdat Hij zijn volk zal redden van hun zonden”. Bevrijding, redding dus. Maw het gaat om “de kleren van Jesaja, een Jezus-mantel”.

Van die bevrijding wil Jesaja nog wat meer zeggen :
“Want zoals de aarde haar gewassen voortbrengt,
zoals een tuin het gezaaide laat ontkiemen,
zo laat God, de HEER, gerechtigheid ontkiemen
en glorie voor het oog van alle volken.

Een beetje bijbelmens denkt bij tuin natuurlijk niet aan zo maar een willekeurig tuintje, waar we tegels in gemikt hebben om er geen omkijken naar te hebben. Neen Bijbels is het om dan aan DE tuin, de hof “VAN DEN BEGINNE” te denken. Die schitterende plek van leven; waar alles op zijn plek stond; waar mensen en dieren ongehinderd bij het leven konden. De bron van gaafheid. Het paradijs. Ik wijs er graag op, dat in die tuin zelfs een boom van kennis van goed en kwaad geen kwaad kon. In DIE omgeving, daar in die gaafheid had niemand er behoefte aan. Het kwaad is er volstrekt overbodig, want het leven is ruimschoots van alles voorzien. ZO gaaf is het; zo volwassen is de gerechtigheid.

Ik geloof dat het goed is om meer over die overbodigheid van het kwaad na te denken, want we laten ons maar al te gauw intimideren door de gedachte dat het kwaad NOODZAKELIJK IS. Het kwaad van de oorlog hebben we zo zelfs gerechtvaardigd. We kennen de leer van de Rechtvaardige oorlog. Onontkoombaar. Neen dus. Wij zweren bij wapens, omdat we elkaar het oor aangenaaid hebben dat je ze nodig hebt om conflicten op te lossen. En inmiddels is het goed voor de werkgelegenheid. En bijna niemand heeft de onlogica hiervan meer in de gaten. Als we onze wapens afschaffen lossen we natuurlijk onze conflicten ook wel op. Alleen op een andere manier. En de logica is natuurlijk ook dat wapens conflicten veroorzaken. Als je een geweer hebt, ga je het gebruiken. (Oosterhuis Psalmen vrij 144) Bij afschaffing van wapens kun je best andere werkgelegenheid scheppen. Logisch toch! Aan de komende Assemblee van de WVK is gevraagd om officieel afscheid te nemen van die heidense leer van de rechtvaardige oorlog. Ik vang helaas signalen op dat men in Oktober 2013 daar toch niet toe zal komen. Maar wat zou het geweldig zijn, als we dat nog mee zouden maken. Dan zou je pas dankbaar je oude ogen dicht kunnen doen….

Daarom die profetie van terugdenken naar de hof van den beginne; de hof van gaafheid. We moeten die kant weer op boksen. Jesaja wil ons de goede smaak in de mond geven van een feestelijk hersteld leven van hier en verder. U wordt uitgedaagd dat motto van Simeon over te nemen:  “LAAT NU UW DIENSTKNECHTEN maar gaan, Here God… en uw dienstBODES  niet te vergeten… IN VREDE gehuld in Vrede beladen met goede plannen.” Het leven wordt GOED. Wij mogen er tegenaan.

Al  lezend zijn we aangekomen bij
“Alle volken zullen je gerechtigheid zien,
alle koningen je majesteit. En je krijgt een nieuwe naam.”

Een nieuwe naam voor land en volk Israël. Welke nieuwe naam zou dat zijn? Jesaja vult dat in “Men zal u niet meer noemen: Verlatene, en men zal uw land niet meer noemen: Woestenij; maar gij zult genoemd worden: Mijn Welgevallen, en uw land: Gehuwde.” Ik bespreek die beelden niet, want dat zou allemaal door elkaar gaan lopen. Maar het is natuurlijk bedoeld om goed te klinken.

Maar om af te ronden nog dit: Je moet wel lef hebben!! Zo’n grote mond opzetten tussen de grote jongens. Die volken zien immers dat hele volkje Israël niet zitten! Die hebben hun eigen goden en berekeningen en plannen. We denken dat deze woorden ontstaan zijn toen het kleine groepje teruggekeerde joden uit Babel nog helemaal niks voorstelde. Het land lag er kaal en naakt bij. Als je in de buurt van de vergelijking wilt blijven: het land, of de stad Jeruzalem is als een in vodden gehulde bedelaar, waar niemand een cent voor geeft. Tegen dat soort berooid volk, profeteert Jesaja “JE ZULT ER WEER PIEKFIJN UIT ZIEN”.

 

Je kunt zeggen dat de kerk op Kerstmis ‘de volken’ over de vloer heeft gehad. Misschien was het wel een beetje dat ze over ons heen gewalst zijn. Massa’s die het hele jaar door geen voet over de drempel van een kerk zetten, kwamen toen wel even binnen. Gingen zelfs even zitten op onze vertrouwde plekken! Ze kwamen misschien maar heel weinig om echt te ZIEN wat en wie we in huis hebben.  Misschien laafden ze zich alleen maar aan wat jeugdsentiment. Misschien had iedereen wel last van die enorme commercie waar kerstmis onder doorbuigt. Voorgangers en solisten en koren en vertelsters en kinderen deden enorm hun best om het kerstfeest integer te vieren,- toch zit er altijd de mogelijkheid van kortsluiting in.

Daarom goed dat we op 30 December alweer bij de les kunnen zijn. Met de geboorte van zijn Zoon laat God ons kiezen voor zijn wereld van Gerechtigheid en vrede.

Mensen kunnen het wel eens niet altijd pruimen, dat je nog een goed woord voor die nieuwe samenleving wilt doen. Dat je je daar nog druk voor maakt; dat je je daar nog blij mee laat maken. Dat je je daar nog voor opdirkt. Maar dat is toch wel de stiel van de kerk.

Weet je  wat we gaan doen?! We gaan er gewoon het hele jaar mee verder. We houden elkaar elke zondag bij de les; bij de vreugde; bij Gods heil voor de hele wereld van alle volken.  Amen

 

(ietwat bewerkte tekst van een dienst in Ned. Her. Kerk Fijnaart 30 December 2012.)

 

Advertenties