Korte Fabels

Een molussische fabel

Door het sterrenbeeld Orion scheurt een reusachtig ruimteschip met afgeschermde lichten; geen god die er naar omkijkt, maar misschien ook geen god die er niet naar omkijkt en geen god die het keert. We kunnen rustig zeggen: geen god die het weet.
Zelfs wij weten niet waar het vandaan kwam, als het al ergens vandaan kwam; en als het al ergens heen op weg is weten we dat evenmin.
Het ligt wel in de rede om het te laten bij alleen de vermelding van het schip, want vroeg of laat is het toch duister vergaan; het bestaat alleen nog maar als nooit geweest. Zoals alles.
Toch – en dat is het enige wat we zeker van dat schip kunnen weten – toch hangen de wanden van de kajuit vol met het scheepsreglement. Dat is vastgesteld door iemand die zelf niet vastgesteld werd. Ontegenzeggelijk houden deze regels het bruisende leven aan dek zonder de minste wrijving op gang.

Vraagje: is dat reglement algemeen verplicht?

Hiermee besluit Anders in Antiquiertheit des Menschen. Band I, P 323/4. Het aanhangsel van het essay over De Bom en de wortels van onze blindheid voor de Apokalyps.

Andere fabel:
Passagier A. bevindt zich op een schip midden op zee even ver verwijderd van de haven van vertrek als van de aankomsthaven. Hij ontdekt dat er in het ruim iets in brand is geraakt. Hij weet dat het schip vol katoen zit en concludeert dat ze tegen de avond onvermijdelijk in lichter laaie zullen staan. Hij gaat naar zijn hut en nodigt zijn vrienden uit voor een laatste uiterst vriendelijke visite. Zonder dat iemand het in de gaten heeft sluipt hij weg en springt over boord, om ‘s avonds geen onnatuurlijke, gedwongen dood te hoeven sterven. – Wat wij tegenwoordig een zogenaamde ‘natuurlijke dood’ noemen is volgens mij zo’n sprong. Vermoedelijk is het schip op volle zee verbrand. Maar onmogelijk is het niet, dat het de bemanning en de passagiers toch gelukt is het vuur met vereende krachten te beperken of zelfs te blussen; en dat die sprong van A in de diepte helemaal overbodig is geweest. Nog onverdraaglijker is de gedachte dat het schip weliswaar verbrand is, maar dat het geblust had kunnen worden en naar de dichtstbijzijnde haven had gebracht kunnen worden.

Denk zelf na

Toen A. op een van zijn studiereizen naar de culturele instellingen van Molussië een moderne kleuterschool in Penx wilde binnen gaan, schrok hij op de drempel toch op, want hoewel de klas leeg voor hem lag werd hij begroet met een krassend bevel: “Denk zelf na!”
De progressieve lerares die hem begeleidde leek op zijn verbazing gerekend te hebben. Het deed haar zelfs goed. “Kom gerust verder”, lachte ze en ze wees naar een kooi die aan het plafond hing, met daarin een groene papegaai, die nu hartstochtelijk zijn roze snavel sleep tegen de tralies. “Die opvoedingsvogels hebben we nu op minstens honderdduizend kleuterscholen.”
A. geloofde zijn ogen niet. “Denkt U nu echt dat dat werkt?”, zei hij ten slotte.
“Denk zelf na” antwoordde de papegaai.
“Ook een vraag!” zei het meisje monter. “Gelooft U dan echt dat kinderen op deze jonge leeftijd zich kunnen onttrekken aan deze dagelijkse aansporing”
“En vindt U dat dan gewenst dat uw kinderen mensen worden van deze dierenmonden?” vroeg A. – terwijl de lerares eerst nog zweeg. Maar dan vroeg ze vol ongeloof: “Door dierenmonden? Wat denkt U wel?! Bent U echt zo naïef te denken dat zij zo ouderwets zijn om echte papegaaien te gebruiken?” (G. Anders, DER BLICK VOM TURM p. 71).

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s